

H4 - week 4 - les 3
Presentation
•
World Languages
•
4th Grade
•
Practice Problem
•
Hard
Lidy Rolf
Used 2+ times
FREE Resource
3 Slides • 18 Questions
1
​

2
Argumentatiestructuren
Tekst met vragen
3
Multiple Choice
Van welke argumentatiestructuur is hier sprake?
Het zikavirus is gevaarlijk, want er zijn al veel doden gevallen en er worden veel misvormde baby's geboren.
enkelvoudig
meervoudig
onderschikkend
meervoudig onderschikkend
4
Multiple Choice
Van welke argumentatiestructuur is hier sprake?
Je moet stoppen met roken. Het is slecht voor de gezondheid . Je longen worden zwart en je krijgt ademhalingsproblemen.
enkelvoudig
meervoudig
onderschikkend
meervoudig onderschikkend
5
Multiple Choice
Van welke argumentatiestructuur is hier sprake?
Je moet stoppen met roken. Het is slecht voor de gezondheid. Je krijgt ademhalingsproblemen. Ook kost roken veel geld.
enkelvoudig
meervoudig
onderschikkend
meervoudig onderschikkend
6
Deze tekst staat op Classroom
7
Open Ended
Wat is het onderwerp van de tekst?
8
Multiple Choice
Welke tekststructuur herken je in de tekst?
argumentatiestructuur
aspectenstructuur
probleem-oplossingstructuur
voor- en nadelenstructuur
9
Multiple Choice
Wat is de betekenis van 'prijken'?
een prijs krijgen
elite
veel geld kosten
vermeld staan
10
Multiple Choice
Wat wordt er bedoeld met 'geveltekst'?
Een bevel
Een motto
Een tekst op de muur
Een tekst die geveld is
11
Multiple Select
Waar baalt Ernst van? Meerdere antwoorden mogelijk.
Dat het onduidelijk is wie gaat betalen voor de schade
Dat de ruiten in zijn deur zijn beschadigd
Dat er allemaal ramptoeristen rondlopen die selfies maken
Dat hij op zijn vrije dag naar de winkel moest
12
Multiple Select
Welke verbanden herken je in alinea 3?
chronologisch
doel-middel
opsommend
tegenstellend
toelichtend
13
Multiple Choice
Wat is geen synoniem van 'barricaderen'?
barrage
de doortocht belemmeren
tegenhouden
belemmeren
14
Fill in the Blanks
Welk signaalwoord voor een vergelijkend verband zie je in alinea 5?
Type answer...
15
Multiple Select
Welke onderdelen worden met elkaar vergeleken? Klik de juiste opties aan.
bescherming tegen een orkaan
dichtgetimmerde ramen
sociale media
vergelijkbare beelden
16
Multiple Select
Welke ondernemers komen niet aan het woord? Die van.. (meerdere antwoorden mogelijk)
de bloemenzaak
de Jumbo
de koffiezaak
de Primera
de slijter
17
Multiple Choice
Ondernemers laten zich alleen maar negatief uit over de rellen en de gevolgen daarvan.
waar
niet waar
weet niet
18
Multiple Select
Welk positief gedrag zien we rondom de rellen?
Er wordt schoongemaakt.
Spullen worden teruggeven
Er wordt geholpen met het dichttimmeren van ramen
Relschoppers worden aangesproken door hun buren
19
Multiple Choice
Welke kritiek uit de middenstander uit alinea 11?
de politie komt zo laat in actie
de burgemeester heeft te laat ingegrepen
de rellen waren 's middags al aangekondigd
hij heeft een ongehavende zaak
20
Multiple Select
Welke verbanden herken je in alinea 12?
chronologisch
opsommend
tegenstellend
toelichtend
21
Open Ended
Welke woorden die chronologie aanduiden zie je terug in de tekst? Noem er minimaal vier.
​

Show answer
Auto Play
Slide 1 / 21
SLIDE
Similar Resources on Wayground
16 questions
L'accord du participe passé
Presentation
•
4th Grade
16 questions
Sustantivos y Adjetivos
Presentation
•
3rd Grade
15 questions
Diagnostico
Presentation
•
4th Grade
16 questions
palabras compuestas y homografos
Presentation
•
3rd - 4th Grade
15 questions
Os sabores
Presentation
•
4th Grade
15 questions
REPASO TEMA 5
Presentation
•
4th Grade
15 questions
2: Grupos Consonánticos
Presentation
•
4th - 5th Grade
18 questions
Palabras Interrogativas
Presentation
•
4th Grade
Popular Resources on Wayground
10 questions
Safety Day 2026 – Student Review
Quiz
•
9th Grade
21 questions
Continents and Oceans
Quiz
•
6th Grade
20 questions
Parts of Speech
Quiz
•
5th Grade
16 questions
Subject & Predicate
Quiz
•
5th Grade
25 questions
Multiplication Facts
Quiz
•
5th Grade
12 questions
Map Skills
Quiz
•
3rd Grade
22 questions
Continents and Oceans
Quiz
•
5th Grade
15 questions
Rounding Decimals
Quiz
•
5th Grade