Search Header Logo
Samentrekkingen H3

Samentrekkingen H3

Assessment

Presentation

World Languages

7th Grade

Practice Problem

Medium

Created by

Cecile van Winckel

Used 1+ times

FREE Resource

3 Slides • 12 Questions

1

Foutieve samentrekking

Korte uitleg en oefening

media

2

Theorie:

Bij een samentrekking laat je een eerder genoemd(e) woord(groep) weg.

Door samentrekking voorkom je overbodige herhalingen in zinnen.


3

In drie gevallen mag je NIET samentrekken:

  • De saxofoniste stond op het podium en werd een bos bloemen overhandigd. ‘De saxofoniste’: 1. onderwerp, 2. meewerkend voorwerp (= grammaticale functie)

  • Hier wordt vaak ingebroken en diverse auto’s vernield. ‘wordt’: 1. enkelvoud, 2. meervoud (= getal)

  • Zij maakte eerst het bed op en daarna zichzelf. ‘maakt … op’: 1. het bed opmaken, 2. zich opmaken (= betekenis)

4

Multiple Choice

Maria gaf haar vader een cadeautje, maar niks om hem.
1

Deze zin is GOED

2

Deze zin is FOUT

5

Fill in the Blank

Verbeter de zin:

Maria gaf haar vader een cadeautje, maar niks om hem.

6

Multiple Choice

Ik liet de honden uit en mijn sleutels vallen.
1

Deze zin is GOED

2

Deze zin is FOUT

7

Fill in the Blank

Verbeter de zin:

Ik liet de honden uit en mijn sleutels vallen.

8

Multiple Choice

Welke zin is FOUT?
1

De broodjes bak je in de oven en de taart in de combi-magnetron.

2

Die dozen worden morgen opgehaald en naar de stort gebracht.

3

Op die nieuwe school werk je met goede boeken en de leerlingen met de laptop.

4

Het gras is groen en de lucht blauw.

9

Multiple Choice

Welke zin is FOUT?
1
Op die nieuwe school werk je met goede boeken en de leerlingen werken met de laptop.
2
Jannes gaf over in de struiken en niks meer om drank.
3
De koeien geven melk en de geiten ook.
4
Een naaimachine naait, en een nietmachine niet.

10

Multiple Choice

Welke zin is FOUT?
1
Ik hoop dat u zult genieten van de lunch en dat ik u morgen weer mag treffen.
2
De tafel was gemaakt van eiken- en berkenhout.
3
De bloemen bloeiden prachtig en geurden door het hele huis.
4
Paul is ziek en naar huis gegaan.

11

Multiple Choice

Welke zin is FOUT?
1
Wij ontvingen de brief, maar hij had lang op zich laten wachten.
2
De hond werd voortdurend gepest en werd tenslotte ziek.
3
Hij waste af en zijn gezicht.
4
De clown trok zijn kleren uit en trok zich niets van zijn publiek aan.

12

Multiple Choice

Welke zin is FOUT?

1

In de bijlage vindt u mijn cv en mijn referenties.

2

Zij blies de ballon op en de kaars uit.

3

Hij heeft een goede baan en heeft er ook hard voor gestudeerd.

4

De koekjes waren knapperig en de taarten zacht.

13

Multiple Choice

Welke zin is FOUT?

1

Hij joeg de hond weg en de kat ook.

2

Piet is een natuurliefhebber en houdt dus van otters.

3

De eerste pinksterbloemen staan bloeien en kleuren het gazon.

4

Piet is een natuurliefhebber en dan ook vaak in het bos te vinden.

14

Multiple Choice

Welke zin is FOUT?
1
Schaatsen is gezond en doe ik regelmatig.
2
Schaatsen is gezond en ik schaats regelmatig.
3
Ik vind schaatsen gezond en wil het vaker doen.
4
Schaatsen op open water is gevaarlijk.

15

Multiple Choice

Welke zin is FOUT?
1
De aannemer bouwde twee huizen in onze straat en vernielde de drempel.
2
De gemeente legde een drempel en verkeerslichten aan.
3
In onze straat wordt een verkeersdrempel aangelegd en huizen gebouwd.
4
Zij verhuisden naar een nieuw huis en kwamen uit een woonwagen.

Foutieve samentrekking

Korte uitleg en oefening

media

Show answer

Auto Play

Slide 1 / 15

SLIDE