Search Header Logo
Wat heb jij vanochtend gedaan?

Wat heb jij vanochtend gedaan?

Assessment

Presentation

World Languages

Professional Development

Practice Problem

Hard

Created by

p.kolthof89@gmail.com p.kolthof89@gmail.com

FREE Resource

5 Slides • 0 Questions

1

media

Wat heb jij vanochtend gedaan?

2

Voltooide tijd

hebben / zijn en ge + ik-vorm + d/t

werken --> ge werk t
spelen --> ge speel d
reizen --> ge reis d
leven --> ge leef d

3

voltooide tijd

Wanneer 'zijn'?

  1. 'naar', beweging of richting (Ik ben naar school gelopen.)

  2. verandering van situatie (Ik ben getrouwd)

  3. bij sommige werkwoorden: zijn, worden, blijven, komen, gaan, beginnen

4

Reflexieve werkwoorden

met 'zich'

Het woordje 'zich' verandert mee met het onderwerp.
ik = me, wij = ons, jij/jullie = je, hij/zij/het/u en zij(mv) = zich

'zich' staat altijd na het eerste werkwoord: Hij wil zich eerst aankleden.

Of na het onderwerp (inversie, vraag): Ga jij je nog aankleden?

media

Wat heb jij vanochtend gedaan?

Show answer

Auto Play

Slide 1 / 5

SLIDE

Discover more resources for World Languages