Search Header Logo

nederlands hoofdletters en leestekens

Philosophy

1st - 12th Grade

Used 1+ times

nederlands hoofdletters en leestekens
AI

AI Actions

Add similar questions

Adjust reading levels

Convert to real-world scenario

Translate activity

More...

    Content View

    Student View

10 questions

Show all answers

1.

MULTIPLE CHOICE QUESTION

30 sec • 1 pt

wat moet met een hoofdletter

namen, aan het begin van de zin, bijwoorden die zijn afgeleid van aardrijkskundige namen

namen, aan het begin van de zin, bij woorden die zijn afgeleid van aardrijkskundige namen, bij seizoenen en bij maanden

namen, aan het begin van de zin, bij woorden die zijn afgeleid van aardrijkskundige namen en bij seizoenen

namen en aan het begin van de zin

2.

MULTIPLE CHOICE QUESTION

30 sec • 1 pt

weke zin is goed geschreven

Iedere Zomer gaat Sofie Van der wulp op vakantie.

iedere zomer gaat Sofie van der Wulp op vakantie.

Iedere zomer gaat Sofie van der Wulp op vakantie.

Iedere zomer gaat Sofie van der Wulp op Vakantie.

3.

MULTIPLE CHOICE QUESTION

20 sec • 1 pt

wanneer schrijf je een uitroepteken

bij een gewone zin

bij een vraag

bij namen

om een zin extra nadruk te geven

4.

MULTIPLE CHOICE QUESTION

30 sec • 1 pt

waar staan de komma's goed?

In de, regenboog zitten de kleuren, rood, oranje, geel, groen, blauw en violet.

In de regenboog zitten de kleuren rood, oranje, geel groen, blauw en violet.

In de regenboog zitten de kleuren rood oranje geel groen blauw violet

In de regenboog zitten de kleuren rood, oranje, geel, groen, blauw en violet.

5.

MULTIPLE CHOICE QUESTION

10 sec • 1 pt

schrijf je seizoenen met een hoofdletter

yes

no

6.

MULTIPLE CHOICE QUESTION

30 sec • 1 pt

welke zin is goed

Nee, joh! Dat heb ik niet gedaan?

Nee, joh! Dat heb ik niet gedaan!

Nee joh dat heb ik niet gedaan.

Nee, joh! Dat heb ik niet gedaan.

Nee joh! Dat heb ik niet gedaan!

7.

MULTIPLE CHOICE QUESTION

30 sec • 1 pt

wanneer schrijf je een komma.

bij en & of, bij opsommingen, tussen 2 persoonsvormen en bij verbindingsvormen.

bij opsommingen, tussen 2 persoonsvormen

bij opsommingen, tussen 2 persoonsvormen en bij verbindingsvormen.

alleen bij opsommingen

Access all questions and much more by creating a free account

Create resources

Host any resource

Get auto-graded reports

Google

Continue with Google

Email

Continue with Email

Classlink

Continue with Classlink

Clever

Continue with Clever

or continue with

Microsoft

Microsoft

Apple

Apple

Others

Others

Already have an account?