
Taalverzorging H1 t/m H6 3 KADER
Authored by Rianne Muller
World Languages
3rd - 4th Grade
Used 4+ times

AI Actions
Add similar questions
Adjust reading levels
Convert to real-world scenario
Translate activity
More...
Content View
Student View
30 questions
Show all answers
1.
MULTIPLE CHOICE QUESTION
30 sec • 1 pt
Wanneer gebruik je een komma in de zin?
Bij een voegwoord
Tussen twee persoonsvormen, achter een voegwoord en tussen delen van een opsomming
Tussen twee persoonsvormen, voor een voegwoord en tussen delen van een opsomming
Tussen twee persoonsvormen
2.
MULTIPLE SELECT QUESTION
30 sec • 1 pt
Wat heb je nodig om een zin te citeren?
Let op: je mag meerdere antwoorden kiezen.
voor het citaat een dubbele punt
begin het citaat met een hoofdletter en eindig met een punt/vraagteken of uitroepteken.
zet het citaat tussen aanhalingstekens
een puntkomma
3.
FILL IN THE BLANKS QUESTION
30 sec • 1 pt
Vul de goede persoonsvorm in.
Wanneer (worden tt) je eigenlijk opgehaald?
(a)
4.
FILL IN THE BLANKS QUESTION
30 sec • 1 pt
Vul de goede persoonsvorm in.
Wanneer (worden tt) je broertje eigenlijk opgehaald?
(a)
5.
FILL IN THE BLANKS QUESTION
30 sec • 1 pt
Vul de goede persoonsvorm in.
Jack (scoren) vanochtend een doelpunt in de wedstrijd.
(a)
6.
FILL IN THE BLANKS QUESTION
30 sec • 1 pt
Vul de goede persoonsvorm in.
Gisteren (downloaden) ik allemaal filmpjes van katten.
(a)
7.
FILL IN THE BLANKS QUESTION
30 sec • 1 pt
Vul de goede persoonsvorm in.
Afgelopen weekend (relaxen) Gerda en Joyce in de duinen.
(a)
Access all questions and much more by creating a free account
Create resources
Host any resource
Get auto-graded reports

Continue with Google

Continue with Email

Continue with Classlink

Continue with Clever
or continue with

Microsoft
%20(1).png)
Apple
Others
Already have an account?