Search Header Logo

Toets werkwoordspelling

Authored by Daphne Roovers

Religious Studies

1st Grade

Used 3+ times

Toets werkwoordspelling
AI

AI Actions

Add similar questions

Adjust reading levels

Convert to real-world scenario

Translate activity

More...

    Content View

    Student View

25 questions

Show all answers

1.

FILL IN THE BLANK QUESTION

45 sec • 1 pt

Vervoeg het werkwoord in de zin.

Marie (zoeken) de weg in het donker, maar werd (beroven).

Plaats een streepje voor en na het vervoegde werkwoord. Bijvoorbeeld: heeft - gezwommen

2.

FILL IN THE BLANK QUESTION

45 sec • 1 pt

Vervoeg het werkwoord in de zin.

Wij (belanden) vorige week in een verlaten kasteel en waren (verrassen).

Plaats een streepje voor en na het vervoegde werkwoord. Bijvoorbeeld: heeft - gezwommen

3.

FILL IN THE BLANK QUESTION

45 sec • 1 pt

Vervoeg het werkwoord in de zin.

Het pakje (worden) morgen (leveren).

Plaats een streepje voor en na het vervoegde werkwoord. Bijvoorbeeld: heeft - gezwommen

4.

FILL IN THE BLANK QUESTION

45 sec • 1 pt

Vervoeg het werkwoord in de zin in tegenwoordige tijd.

De chauffeur (laden) de vrachtwagen nu.

5.

FILL IN THE BLANK QUESTION

45 sec • 1 pt

Vervoeg het werkwoord in de zin in tegenwoordige tijd.

Wat (gebeuren) er op de laatste dag van dit schooljaar?

6.

FILL IN THE BLANK QUESTION

45 sec • 1 pt

Vervoeg het werkwoord in de zin in tegenwoordige tijd.

Oma (beloven) een mooi geschenk voor mijn verjaardag morgen.

7.

FILL IN THE BLANK QUESTION

45 sec • 1 pt

Vervoeg het werkwoord in de zin in tegenwoordige tijd.

Waarom (beledigen) hij zijn buurman?

Access all questions and much more by creating a free account

Create resources

Host any resource

Get auto-graded reports

Google

Continue with Google

Email

Continue with Email

Classlink

Continue with Classlink

Clever

Continue with Clever

or continue with

Microsoft

Microsoft

Apple

Apple

Others

Others

Already have an account?