
B2 instandhouding
Authored by Annemarie Muis
Biology
Professional Development
Used 2+ times

AI Actions
Add similar questions
Adjust reading levels
Convert to real-world scenario
Translate activity
More...
Content View
Student View
8 questions
Show all answers
1.
MULTIPLE CHOICE QUESTION
30 sec • 1 pt
Een belangrijk verschil tussen organismen vissen en zoogdieren is de bloedsomloop: zoogdieren zoals katten hebben een dubbele bloedsomloop (een grote en een kleine), vissen hebben een enkele bloedsomloop.
Wat is kenmerkend voor een enkele bloedsomloop?
Het bloed stroomt niet langs de huid om af te koelen.
Het bloed stroomt niet langs de nieren om gezuiverd te worden.
Het bloed stroomt van het hart naar het ademhalingsorgaan en daarna
rechtstreeks naar overige organen.
Het bloed stroomt vanuit het hart zonder aderen of slagaderen door het
lichaam
2.
MULTIPLE CHOICE QUESTION
30 sec • 1 pt
Welke manier van spijsvertering vindt vooral plaats bij cijfer 5?
bacteriële spijsvertering
chemische spijsvertering
enzymatische spijsvertering
mechanische spijsvertering
3.
MULTIPLE CHOICE QUESTION
30 sec • 1 pt
Veel mensen ouder dan 60 jaar krijgen elk jaar een vaccinatie tegen griep. Een
vaccin tegen kinderziektes zoals bof of mazelen werkt een leven lang en wordt na de kindertijd zelden herhaald.
Waarom wordt die vaccinatie tegen griep jaarlijks herhaald?
De ziekteverwekker die griep veroorzaakt verandert regelmatig van DNA
structuur.
Griep wordt niet veroorzaakt door een bacterie of virus maar door kou en
vocht.
Griep wordt niet veroorzaakt door een bacterie of virus maar door kou en
vocht.
Op de leeftijd van ca. 60 jaar maakt het immuunsysteem nauwelijks nog
antistoffen aan.
4.
MULTIPLE CHOICE QUESTION
30 sec • 1 pt
Wilfred vergelijkt de samenstelling van de ingeademde lucht met die van de uitgeademde lucht. In welke lucht zit het meeste koolstofdioxide?
in de ingeademde lucht
in de uitgeademde lucht
In beide soorten lucht zit evenveel koolstofdioxide.
In beide soorten lucht zit geen koolstofdioxide.
5.
MULTIPLE CHOICE QUESTION
30 sec • 1 pt
In de darmen neemt het bloed voedingsstoffen op.
In welke darm vindt deze opname (resorptie) plaats?
in de twaalfvingerige darm
in de blindedarm
in de endeldarm
in de dunne darm
6.
MULTIPLE CHOICE QUESTION
45 sec • 1 pt
Bij bepaalde ziektes wordt door de arts een antibioticum voorgeschreven. Een
bekende bijwerking van het gebruik van antibioticum is diarree, het gevolg van
een minder goede spijsvertering.
Waar en waardoor ontstaat deze bijwerking?
In de mond: het antibioticum remt de werking van enzymen in de mond.
In de maag: het antibioticum remt de werking van zuren in de maag
In de dunne darm: het antibioticum remt de werking van gal (vetoplosser)
in de dunne darm.
In de dikke darm: het antibioticum remt de werking van bacteriën in de
dikke darm.
7.
MULTIPLE CHOICE QUESTION
30 sec • 1 pt
Zoogdieren die in hooggebergten leven zoals de jak, een rundersoort die in het Himalayagebergte rondloopt, zijn goed aangepast aan de ijle lucht. Welke aanpassing in het bloed zien we bij de jak?
meer rode bloedcellen
minder rode bloedcellen
meer witte bloedcellen
minder witte bloedcellen
Access all questions and much more by creating a free account
Create resources
Host any resource
Get auto-graded reports

Continue with Google

Continue with Email

Continue with Classlink

Continue with Clever
or continue with

Microsoft
%20(1).png)
Apple
Others
Already have an account?