Begrippen geschiedenis mavo tweede tijdvak

Begrippen geschiedenis mavo tweede tijdvak

12th Grade

25 Qs

quiz-placeholder

Similar activities

Vroegmoderne tijd havo4

Vroegmoderne tijd havo4

10th - 12th Grade

21 Qs

SEJARAH TINGKATAN 2 BAB 1

SEJARAH TINGKATAN 2 BAB 1

1st - 12th Grade

20 Qs

Middeleeuwen

Middeleeuwen

9th - 12th Grade

20 Qs

SEJ: F2 (BAB3)

SEJ: F2 (BAB3)

KG - Professional Development

20 Qs

Islamul

Islamul

9th - 12th Grade

20 Qs

WHI.11 11.03 Quiz

WHI.11 11.03 Quiz

9th - 12th Grade

20 Qs

Lugares del mundo

Lugares del mundo

5th Grade - University

20 Qs

2BK/KM Begrippenlijst Hoofdstuk 3 Oorlog en crisis

2BK/KM Begrippenlijst Hoofdstuk 3 Oorlog en crisis

9th Grade - University

20 Qs

Begrippen geschiedenis mavo tweede tijdvak

Begrippen geschiedenis mavo tweede tijdvak

Assessment

Quiz

History

12th Grade

Practice Problem

Hard

Created by

René Beishuizen

Used 8+ times

FREE Resource

AI

Enhance your content in a minute

Add similar questions
Adjust reading levels
Convert to real-world scenario
Translate activity
More...

25 questions

Show all answers

1.

MULTIPLE CHOICE QUESTION

30 sec • 1 pt

Wat betekent modern imperialisme?

Gebieden in andere werelddelen veroveren om economische redenen en omdat dit macht en aanzien oplevert.

Gebieden in Europa veroveren om politieke redenen en omdat dit macht en aanzien oplevert.

Gebieden in andere werelddelen veroveren om politieke redenen en omdat dit meer rijkdom oplevert.

Gebieden in Europa veroveren om economische redenen en omdat dit meer rijkdom oplevert.

2.

MULTIPLE CHOICE QUESTION

30 sec • 1 pt

Wat is een staat?

Aaneengesloten gebied met een koning aan het hoofd.

Aaneengesloten gebied met een hoofdstad en een bevolking.

Aaneengesloten gebied met duidelijke grenzen en één regering.

Aaneengesloten gebied met een democratische regering en een industrie.

3.

MULTIPLE CHOICE QUESTION

30 sec • 1 pt

Wat betekent nationalisme?

Trots zijn op je eigen staat en regering.

Trots zijn op je eigen volk, land en cultuur.

Trots zijn op je eigen macht en rijkdom.

Trots zijn op je eigen volk, regering en economie.

4.

MULTIPLE CHOICE QUESTION

30 sec • 1 pt

Wat is een tweefrontenoorlog?

Oorlog waarbij een land zijn leger moet splitsen omdat er op twee verschillende plaatsen gevochten wordt.

Oorlog waarbij een land zijn leger laat samenwerken met twee andere staten.

Oorlog waarbij een land van het ene naar het andere front laat gaan.

Oorlog waarbij een land twee legers inzet om verschillende vijanden in één keer te verslaan.

5.

MULTIPLE CHOICE QUESTION

30 sec • 1 pt

Wat betekent totale oorlog?

Oorlog waarbij de totale economie wordt ingezet om het leger te ondersteunen.

Oorlog waarbij niet alleen het leger maar ook de politiek bij betrokken is.

Oorlog waarbij ook vrouwen werken in de industrie om het leger te ondersteunen.

Oorlog waarbij niet alleen het leger maar de hele samenleving betrokken is.

6.

MULTIPLE CHOICE QUESTION

30 sec • 1 pt

Wat betekent censuur?

Reclame voor een politiek idee, politieke groep of politicus.

Verbod om bepaalde informatie bekend te maken.

Reclame voor een bepaald product van een fabrikant.

Verbod om deel te nemen aan een demonstratie of staking.

7.

MULTIPLE CHOICE QUESTION

30 sec • 1 pt

Wat betekent demilitarisatie?

Alle soldaten inzetten aan het front om te vechten.

Alle soldaten van moderne wapens voorzien om een oorlog te winnen.

Alle soldaten en wapens uit een gebied weghalen.

Alle soldaten en wapens brengen naar een gebied.

Access all questions and much more by creating a free account

Create resources

Host any resource

Get auto-graded reports

Google

Continue with Google

Email

Continue with Email

Classlink

Continue with Classlink

Clever

Continue with Clever

or continue with

Microsoft

Microsoft

Apple

Apple

Others

Others

Already have an account?