NEW
Font size
S
M
L
XL
WorksheetsDe verleden tijd (1)
Total questions: 10
Worksheet time: 5mins
Name
Class
Date
1.
Vervoeg het werkwoord in de OVT:
In de werkplaats las... de mannen de buizen aan elkaar.
(INF: lassen)
In de werkplaats las... de mannen de buizen aan elkaar.
(INF: lassen)
a)
te
b)
sen
c)
ten
d)
tten
2.
Vervoeg het werkwoord in de OVT:
De buurman bemes... vroeger de tuin met kunstmestkorrels.
(INF: bemesten)
De buurman bemes... vroeger de tuin met kunstmestkorrels.
(INF: bemesten)
a)
t
b)
ten
c)
te
d)
tte
3.
Vervoeg het werkwoord in de OVT:
Doordat twee ramen tegenover elkaar openstonden, toch... het in het lokaal.
(INF: tochten)
Doordat twee ramen tegenover elkaar openstonden, toch... het in het lokaal.
(INF: tochten)
a)
t
b)
te
c)
ten
d)
tte
4.
Vervoeg het werkwoord in de OVT:
Omdat ze belo... op tijd thuis te zijn, mochten de meisjes naar het schoolfeest.
(INF: beloven)
Omdat ze belo... op tijd thuis te zijn, mochten de meisjes naar het schoolfeest.
(INF: beloven)
a)
ovden
b)
ofden
c)
ofde
d)
ofdden
5.
Vervoeg het werkwoord in de OVT:
Was het maar zo, dat jij je altijd zo uitslo...
(INF: uitsloven)
Was het maar zo, dat jij je altijd zo uitslo...
(INF: uitsloven)
a)
ofde
b)
ovde
c)
ofte
d)
ovte
6.
Vervoeg het werkwoord in de OVT:
Zeker een half uur wacht... we bij de bushalte tot onze bus eraan kwam.
(INF: wachten)
Zeker een half uur wacht... we bij de bushalte tot onze bus eraan kwam.
(INF: wachten)
a)
e
b)
te
c)
en
d)
ten
7.
Vervoeg het werkwoord in de OVT:
Nederlandse vrouwen stonden er om bekend dat ze zelfs de stoep voor hun huis schrob... .
(INF: schrobben)
Nederlandse vrouwen stonden er om bekend dat ze zelfs de stoep voor hun huis schrob... .
(INF: schrobben)
a)
te
b)
ten
c)
de
d)
den
8.
Vervoeg het werkwoord in de OVT:
Het meteorologisch instituut mel... dat er zware storm op komst was.
(INF: melden)
Het meteorologisch instituut mel... dat er zware storm op komst was.
(INF: melden)
a)
d
b)
de
c)
dde
d)
dden
9.
Vervoeg het werkwoord in de OVT:
Olijven lus... hij toen nog niet.
(INF: lusten)
Olijven lus... hij toen nog niet.
(INF: lusten)
a)
t
b)
te
c)
tte
d)
de
10.
Vervoeg het werkwoord in de OVT:
Amira los... de oefening op.
(INF: oplossen)
Amira los... de oefening op.
(INF: oplossen)
a)
t
b)
te
c)
ten
d)
de
Reset
