NEW
Font size
S
M
L
XL
WorksheetsDe geboorte van Romulus en Remus : Disco 13A
Total questions: 28
Worksheet time: 14mins
Name
Class
Date
1.
Inleidende vragen:
Hoe heet de oom van Rhea Silvia, die haar vader had verdreven?
Hoe heet de oom van Rhea Silvia, die haar vader had verdreven?
a)
Numitor
b)
Romulus
c)
Mars
d)
Amulius
2.
Wat werd Rhea Silvia verboden toen ze een Vestaalse maagd werd?
a)
Kinderen krijgen
b)
Voedsel eten
c)
Alcohol drinken
d)
Offers brengen
3.
Welke god(in) kwam Rhea Silvia troosten?
a)
Juno
b)
Mars
c)
Apollo
d)
Jupiter
4.
Dan nu tekst 13A:
Waar kan je regel 1 opdelen, zodat het 2 kortere zinnen worden?
Waar kan je regel 1 opdelen, zodat het 2 kortere zinnen worden?
a)
bij 'lecto'
b)
bij de komma
c)
bij 'subito'
d)
kan niet
5.
In welke tijd staat het werkwoord 'iacebam' in regel 1?
a)
praesens
b)
imperfectum
c)
perfectum
d)
plusquamperfectum
6.
Wie/wat is het onderwerp bij 'iacebam'?
a)
'maesta'
b)
'ik' (zit in het werkwoord)
c)
'vir armata'
d)
'intravit'
7.
In welke naamval staat 'lecto' (regel 1)?
a)
genitivus
b)
dativus
c)
accusativus
d)
ablativus
8.
In welke tijd staat het werkwoord 'intravit' in regel 2?
a)
praesens
b)
imperfectum
c)
perfectum
d)
plusquamperfectum
9.
Wie/wat is het onderwerp bij 'intravit'?
a)
'subito'
b)
'vir'
c)
'cubiculum'
d)
'hij' (zit in het werkwoord)
10.
Welk woord staat in de accusativus in regel 2?
a)
'cum'
b)
'armatus'
c)
'cubiculum'
d)
'intravit'
11.
Waarom is deze accusativus gebruikt?
a)
Lijdend voorwerp
b)
Na een voorzetsel
12.
Staat er in zin 1 een dativus?
a)
Ja
b)
Nee
13.
Staat er in zin 1 een ablativus?
a)
Ja
b)
Nee
14.
Waarom is deze ablativus gebruikt?
a)
Bijwoordelijke bepaling zonder voorzetsel
b)
Bijwoordelijke bepaling na voorzetsel
15.
Door de vorige vragen te beantwoorden heb je een stappenplan voor vertalen gevolgd!
Deel de zin in kleinere stukjes
Persoonsvorm zoeken en vertalen
Onderwerp zoeken
Lijdend voorwerp of acc. na voorzetsel?
Meewerkend voorwerp of ablativus?
Afgekort: DPOLM
Deel de zin in kleinere stukjes
Persoonsvorm zoeken en vertalen
Onderwerp zoeken
Lijdend voorwerp of acc. na voorzetsel?
Meewerkend voorwerp of ablativus?
Afgekort: DPOLM
a)
Klik hier om verder te gaan
b)
..
16.
Hoe kun je zin 2 'Quamquam galeam et longam hastam gerebat, tamen eum non timebam' opdelen?
a)
na de komma
b)
niet mogelijk
c)
na 'tamen'
d)
na 'hastam'
17.
Wat is de persoonsvorm van het zinsdeel 'quamquam galeam et longam hastam gerebat'?
a)
'quamquam'
b)
'galeam'
c)
'hastam'
d)
'gerebat'
18.
In welke tijd staat 'gerebat'?
a)
praesens
b)
imperfectum
c)
perfectum
d)
plusquamperfectum
19.
Wie/wat is het onderwerp bij 'gerebat'?
a)
'galeam'
b)
'hastam'
c)
'longam'
d)
'hij' (zit in het werkwoord)
20.
Waarom zijn de accusativi 'galeam' en 'longam hastam' gebruikt?
a)
Lijdend voorwerp
b)
Na voorzetsel
21.
Is er een meewerkend voorwerp (dativus) te vinden in 'quamquam...gerebat'?
a)
Ja
b)
Nee
22.
Is er een bijwoordelijke bepaling (ablativus) te vinden in 'quamquam...gerebat'?
Vertaal dit zinsdeel!
Vertaal dit zinsdeel!
a)
Ja
b)
Nee
23.
Je hebt nu 'quamquam...gerebat' vertaald.
Nu vragen over 'tamen eum non timebam'.
Wat is de persoonsvorm van dit zinsdeel?
Nu vragen over 'tamen eum non timebam'.
Wat is de persoonsvorm van dit zinsdeel?
a)
'tamen'
b)
'eum'
c)
'non'
d)
'timebam'
24.
In welke tijd staat 'timebam'?
a)
praesens
b)
imperfectum
c)
perfectum
d)
plusquamperfectum
25.
Wie/wat is het onderwerp bij 'timebam'?
a)
'eum'
b)
'tamen'
c)
'ik' (zit in het werkwoord)
26.
In welke naamval staat 'eum'?
a)
nominativus
b)
dativus
c)
accusativus
d)
ablativus
27.
Waarom is de accusativus 'eum' gebruikt?
a)
lijdend voorwerp
b)
na voorzetsel
28.
Staat er een meewerkend voorwerp (dativus) of bijwoordelijke bepaling (ablativus) in deze zin?
Vertaal daarna dit zinsdeel en klaar ben je!
Vertaal daarna dit zinsdeel en klaar ben je!
a)
Ja
b)
Nee
Reset
