wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

past simple and past continuous

Total questions: 6

Worksheet time: 60secs

Name
Class
Date
1.
Als 'yesterday' in een zin staat, heb je ALTIJD te maken met de past simple.
a)
juist
b)
onjuist
2.
Bij de past continuous gebruik je altijd een vorm van 'to be'.
a)
juist
b)
onjuist
3.
... ago, in ... en last month zijn signaalwoorden voor de past simple.
a)
juist
b)
onjuist
4.
Als er twee gebeurtenissen in de zin staan is staat 1 gebeurtenis in de past simple en de andere in de past continuous
a)
juist
b)
onjuist
5.
Bij de past simple moet je '(e)d' achter het werkwoord zetten.
a)
juist
b)
onjuist
6.
Er zijn ook werkwoorden die je niet in de past continuous kan zetten. 'know' is hier een voorbeeld van.
a)
juist
b)
onjuist