NEW
Font size
S
M
L
XL
WorksheetsWoordsoorten: ZWW, HWW of KWW?
Total questions: 15
Worksheet time: 8mins
Name
Class
Date
1.
Hij heeft een ongeluk gehad.
gehad = ?
a)
ZWW
b)
HWW
c)
KWW
2.
Hij heeft een ongeluk gehad.
heeft = ?
a)
ZWW
b)
HWW
c)
KWW
3.
De dokter blijkt afwezig te zijn.
blijkt = ?
a)
ZWW
b)
HWW
c)
KWW
4.
De dokter blijkt afwezig te zijn.
zijn = ?
a)
ZWW
b)
HWW
c)
KWW
5.
Mijn vrouw zal nog wel even thuis moeten werken.
zal = ?
a)
ZWW
b)
HWW
c)
KWW
6.
Mijn vrouw zal nog wel even thuis moeten werken.
moeten = ?
moeten = ?
a)
ZWW
b)
HWW
c)
KWW
7.
Mijn vrouw zal nog wel even thuis moeten werken.
werken = ?
werken = ?
a)
ZWW
b)
HWW
c)
KWW
8.
Marian blijkt haar boeken alweer vergeten te zijn.
blijkt = ?
a)
ZWW
b)
HWW
c)
KWW
9.
Marian blijkt haar boeken alweer vergeten te zijn.
vergeten = ?
vergeten = ?
a)
ZWW
b)
HWW
c)
KWW
10.
Marian blijkt haar boeken alweer vergeten te zijn.
zijn = ?
zijn = ?
a)
ZWW
b)
HWW
c)
KWW
11.
Ik zal je nog wel even mailen.
zal = ?
a)
ZWW
b)
HWW
c)
KWW
12.
Ik zal je nog wel even mailen.
mailen = ?
a)
ZWW
b)
HWW
c)
KWW
13.
Na die nederlaag leken de volleybalsters ontroostbaar.
leken = ?
a)
ZWW
b)
HWW
c)
KWW
14.
Het spatbord was snel gerepareerd.
was = ?
a)
ZWW
b)
HWW
c)
KWW
15.
Het spatbord was snel gerepareerd.
gerepareerd = ?
a)
ZWW
b)
HWW
c)
KWW
Reset
