NEW
Font size
S
M
L
XL
WorksheetsLicht
Total questions: 17
Worksheet time: 13mins
Name
Class
Date
1.
Licht is ...
a)
Elektromagnetische Straling
b)
Röntgen Straling
c)
Radiogolven
2.
Wat gebeurt er met licht dat op een voorwerp schijnt?
a)
Transmissie, Reflectie en Terugkaatsing
b)
Reflectie, Absorptie en Transmissie
c)
Terugkaatsing, Transmissie en Doorlating
3.
Als een voorwerp rood is, wordt alleen het rode licht door het voorwerp opgenomen.
a)
Waar
b)
Niet Waar
4.
Bij een convergente lichtbundel komen de lichtstralen samen.
a)
Waar
b)
Niet Waar
5.
Bij een evenwijdige bundel gaan de lichtstralen uit elkaar.
a)
Waar
b)
Niet Waar
6.
Breking van licht treed op bij een grensoppervlak tussen twee stoffen.
a)
Waar
b)
Niet Waar
7.
De brekingsindex en relatieve brekingsindex zijn hetzelfde.
a)
Waar
b)
Niet Waar
8.
De relatieve brekingsindex berekenen we met:
n₁→₂ = n₁ ÷ n₂
n₁→₂ = n₁ ÷ n₂
a)
Waar
b)
Niet Waar
9.
De Invalshoek is..
a)
Hoek A
b)
Hoek B
10.
De Brekingshoek is...
a)
Hoek A
b)
Hoek B
11.
Als licht van lucht naar water gaat breekt het ...
a)
Naar de normaal toe
b)
Van de normaal af
12.
Als licht van water naar lucht gaat breekt het ...
a)
Naar de normaal toe
b)
Van de normaal af
13.
Bij de grenshoek is de brekingshoek precies 45⁰.
a)
Waar
b)
Niet Waar
14.
De grenshoek bestaat bij een overgang van water naar lucht.
a)
Waar
b)
Niet waar
15.
De grenshoek bestaat bij een overgang van lucht naar water.
a)
Waar
b)
Niet waar
16.
Bij een prisma wordt de lichtstraat altijd...
a)
Naar de tophoek (α) toe gebogen
b)
Van de tophoek (α) af gebogen
17.
Een prisma heeft altijd een tophoek van 60⁰.
a)
Waar
b)
Niet Waar
Reset
