NEW
Font size
S
M
L
XL
WorksheetsOefenSO ordening
Total questions: 15
Worksheet time: 14mins
Name
Class
Date
1.
Welke 5 klassen van gewervelde dieren zijn er?
a)
sponzen, stekelhuidigen, wormen, amfibieën en vissen
b)
zoogdieren, vogels, reptielen, amfibieën en vissen
c)
zoogdieren, vogels, geleedpotigen, wormen en reptielen
d)
vogels, reptielen, vissen, geleedpotigen, en sponzen
2.
Wat is een geslacht?
a)
Mannetje of vrouwtje
b)
alle sterk op elkaar lijkende dieren die zich onderling kunnen voortplanten
c)
verzameling diersoorten binnen een familie die sterk op elkaar lijken
d)
groep dieren binnen de familie met dezelfde vaste kenmerken
3.
Padden zijn koudbloedig, ademen voor een groot deel door hun huid, en hun eieren zijn niet beschermd. Bij welke klasse binnen de afdeling van de gewervelden horen de padden?
a)
Bij de vissen
b)
Bij de reptielen
c)
Bij de zoogdieren
d)
Bij de amfibieën
4.
Wat is een andere naam voor het ‘op naam brengen’ van een organisme?
a)
Determineren
b)
Nomenclatuur
c)
Benoemen
d)
Stamboom
5.
Behoren steppezebra's (Equus quagga) en bergzebra's (Equus zebra) tot dezelfde biologische soort?
a)
Ja, want de soortnaam is hetzelfde
b)
Ja, want de familienaam is hetzelfde
c)
Nee, want de soortnaam is anders
d)
Nee, want de familienaam is anders
6.
Bij welke hoofdafdeling hoort de kwal?
a)
Holtedieren
b)
Kwallen
c)
Weekdieren
d)
Sponzen
7.
Waar of niet waar? Een wants (zie het plaatje) is tweezijdig symmetrisch.
a)
Waar
b)
Niet waar
8.
Hoe noemen we de vier grote groepen van ordenen ook wel?
a)
Stammen
b)
Klassen
c)
Rijken
d)
Domeinen
9.
Op basis van welke kenmerken worden de vier grote groepen ingedeeld?
a)
celkern, cytoplasma, celwand
b)
celkern, cytoplasma, celmembraan
c)
celkern, celwand, bladgroenkorrels
d)
celkern, bladgroenkorrels, cytoplasma
10.
Welke drie afdelingen ken je binnen het rijk van de planten?
a)
Wieren, naaktzadigen en sporenplanten
b)
Wieren, sporenplanten en zaadplanten
c)
Wieren, paardenstaarten en zaadplanten
d)
Varens, blaaswieren en zaadplanten
11.
Wat is de juiste volgorde van klein naar groot?
a)
ras - soort - geslacht - familie - orde - klasse - afdeling - rijk
b)
ras - geslacht - soort - familie - orde - klasse - afdeling - rijk
c)
ras - geslacht - soort - orde - familie - klasse - afdeling - rijk
d)
ras - soort - geslacht - orde - familie - klasse - afdeling - rijk
12.
Welk kenmerk hebben amfibieën en reptielen allebei?
a)
Zwakke poten
b)
Ei bescherming
c)
Type ademhaling
d)
Type van de huid
13.
Behoren de Onychorhynchus coronatus (Amazonekroontiran, zie foto) en de Hymenopus coronatus tot dezelfde soort?
a)
Ja, want de soortnaam is hetzelfde
b)
Nee, want de geslachtsnaam is anders
c)
Ja, want de geslachtsnaam is hetzelfde
d)
Nee, want de soortnaam is anders
14.
Wat is de definitie van een ras?
a)
Een groep dieren binnen de soort met dezelfde vaste kenmerken
b)
Dieren die je krijgt als 2 soorten met elkaar paren
c)
Een groep soorten met dezelfde kenmerken
d)
Alle sterk op elkaar lijkende dieren die zich onderling kunnen voortplanten
15.
Wat is het verschil tussen zaden en sporen?
a)
Er is geen verschil
b)
Sporen zijn groter dan zaden
c)
Zaden hebben reservevoedsel en sporen niet
d)
Sporen hebben reservevoedsel en zaden niet
Reset
