WorksheetsSpelling week 25 2F
Total questions: 10
Worksheet time: 5mins
Name
Class
Date
1.
Dit is de kamer waar de jury zich over de tien kandidaten ........ .
a)
beraad
b)
beraadt
2.
Die keeper is even lang ........ de doelpaal.
a)
als
b)
dan
3.
Je ........ je op het parkeerdak.
a)
bevind
b)
bevindt
4.
(Leestekens en spaties.) Frank heeft gezegd: ........
a)
" Ik ben op tijd. "
b)
"Ik ben op tijd.'
c)
"Ik ben op tijd."
5.
Het is ........ beslissing: je moet zelf kieze
a)
jou
b)
jouw
6.
Wij houden vooral van ........ .
a)
autovakantie's
b)
autovakanties
7.
Zij heeft snel wat spullen uit haar kast ........ .
a)
gegraait
b)
gegraaid
8.
Mag ik je even voorstellen aan ........ zus?
a)
Anjas
b)
Anja's
9.
(Leestekens.) Edwin zag z'n hond de zee inrennen. Edwin brulde: "Kom hier........ "
a)
; (puntkomma)
b)
: (dubbele punt)
c)
? (vraagteken)
d)
! (uitroepteken)
10.
Je mag kleine fietsen in het ........ parkeren.
a)
kinderfietsen rek
b)
kinderfietsenrek
c)
kinder fietsenrek
100 %
