WorksheetsGroep 5 Taal thema 2 Meervoud
Total questions: 20
Worksheet time: 40mins
Name
Class
Date
1.
Wat is het meervoud van...
dag?
dag?
a)
daggen
b)
daagen
c)
dagen
2.
Wat is het meervoud van...
weg?
weg?
a)
weggen
b)
weegen
c)
wegen
3.
Wat is het meervoud van...
smid?
smid?
a)
smidden
b)
smiden
c)
smeden
d)
smeeden
4.
Wat is het meervoud van...
doel?
doel?
a)
doels
b)
doellen
c)
doelen
d)
deolen
5.
Wat is het meervoud van...
stap?
stap?
a)
stappen
b)
staps
c)
stapen
d)
stapjes
6.
Wat is het meervoud van...
slag?
slag?
a)
slagen
b)
slaggen
c)
slaagen
7.
Wat is het meervoud van...
hoef?
hoef?
a)
hoeven
b)
hoefen
c)
hoefs
8.
Wat is het meervoud van...
bad?
bad?
a)
baden
b)
baaden
c)
badden
d)
baadden
9.
Wat is het meervoud van...
verbod?
verbod?
a)
verboden
b)
verbodden
c)
verbods
10.
Wat is het meervoud van...
bal?
bal?
a)
ballen
b)
baallen
c)
balen
11.
Wat is het meervoud van...
speer?
speer?
a)
speren
b)
speeren
c)
speers
12.
Wat is het meervoud van...
lid?
lid?
a)
leden
b)
lidden
c)
leeden
d)
liden
13.
Wat is het meervoud van...
pad?
pad?
a)
paden
b)
padden
c)
paaden
14.
Wat is het meervoud van...
glas?
glas?
a)
glazen
b)
glasen
c)
glaazen
d)
glaasen
15.
Wat is het meervoud van...
snelheid?
snelheid?
a)
snelheden
b)
snelheiden
16.
Wat is het meervoud van...
bezigheid?
bezigheid?
a)
bezighheden
b)
bezigheiden
c)
bezigheden
17.
Wat is het meervoud van...
bevel?
bevel?
a)
bevelen
b)
beveelen
c)
bevellen
18.
Wat is het meervoud van...
schip?
schip?
a)
schepen
b)
scheepen
c)
schippen
d)
schips
19.
Wat is het meervoud van...
slot?
slot?
a)
sloten
b)
slooten
c)
slootten
d)
slotten
20.
Wat is het meervoud van...
blad?
blad?
a)
bladen
b)
blaaden
c)
bladden
100 %
