Worksheetshoofdstuk 2
Total questions: 20
Worksheet time: 11mins
Name
Class
Date
1.
De Franse koning Lodewijk XVI riep in 1789 de Staten-Generaal bijeen. Waarom deed hij dat?
a)
Hij was niet langer in staat om alleen te regeren en wilde steun.
b)
Hij was blut en had toestemming nodig voor het verhogen van de belastingen.
2.
Frankrijk kende 3 standen. Welke stand had de meeste problemen met de plannen van de koning?
a)
De 1e stand.
b)
De 2e stand.
c)
De 3e stand.
3.
De Franse burgers grepen op 14 juli 1789 naar de wapens. Welk gebouw werd die dag door hen bestormd?
a)
Het paleis in Versailles.
b)
Het paleis in Parijs.
c)
De gevangenis in Versailles.
d)
De gevangenis in Parijs.
4.
Juist of onjuist? Het geweld sloeg over naar het platteland. Kastelen en kloosters werden in brand gestoken.
a)
Juist
b)
Onjuist
5.
De Franse burgers maakten een grondwet. Wat was de belangrijkste regel in die wet?
a)
De voorrechten golden voortaan ook voor de 3e stand.
b)
Iedereen heeft gelijke rechten.
c)
Frankrijk heeft geen koning meer.
d)
De edelen regeren voortaan het land.
6.
Drie jaar na het begin van de revolutie werd Frankrijk een republiek. Dat is.....
a)
een land met een koning zonder macht.
b)
een land met edelen die het land regeren.
c)
een land zonder echte leider.
d)
een land zonder koning of keizer.
7.
Juist of onjuist? Zowel koning Lodewijk XVI als zijn vrouw koningin Marie-Antoinette eindigden hun leven onder de guillotine.
a)
Juist
b)
Onjuist
8.
De Franse Revolutie begint op?
a)
5 mei 1945
b)
14 juli 1789
c)
12 juli 1889
d)
13 juli 1789
9.
Waarmee begint de Franse Revolutie?
a)
de dood van Lodewijk XVI
b)
bestorming van de Bastille
c)
slag bij Waterloo
d)
Napoleon word keizer
10.
Waarom verliest Napoleon in Rusland?
a)
Het Russische leger was te sterk
b)
Het was te koud
c)
Ze konden de weg niet vinden
11.
In welk jaar en waar werd Napoleon definitief verslagen?
a)
1815, Brussel
b)
1814, Waterloo
c)
1815, Waterloo
d)
1812, Amsterdaam
12.
Groep mensen in de 18e eeuw die voor de Verlichtingsideeën zijn en tegen de prins van Oranje.
a)
Revolutionairen
b)
Bataven
c)
Patriotten
13.
Welke koning werd op 21 januari 1793 onthoofd?
a)
Lodewijk XVI
b)
Lodewijk XV
c)
Lodewijk XIV
14.
Wie vluchtte naar Engeland door de revolutie in Nederland?
a)
Napoleon
b)
stadhouder Willem V
c)
de regering
d)
de regenten
15.
Wie was de eerste koning in Nederland (1806)
a)
Napoleon Bonaparte
b)
Lodewijk Napoleon
c)
Lodewijk XIV
d)
Lodewijk XVI
16.
Wat hebben we aan Napoleon te danken?
a)
achternamen en verharde wegen
b)
huisnummers en achternamen
c)
snoepjes en KFC
d)
kilometers, kilogrammen en kiloknallers
17.
Bij absolutisme heeft de koning geen enkele macht.
a)
Juist
b)
Onjuist
18.
De drie standen zijn:
1. Adel
2. Boeren
3. Geestelijkheid
1. Adel
2. Boeren
3. Geestelijkheid
a)
Juist
b)
Onjuist
19.
Een periode in de 17e en 18e eeuw waarin mensen hun kennis willen vergroten door hun verstand te gebruiken.
a)
Franse Revolutie
b)
Verlichting
c)
Achterlicht
d)
Mensenrechten
20.
In welk jaar werd Napoleon keizer
a)
1799
b)
1789
c)
1800
d)
1804
100 %
