Font size
Worksheetshet huis
Total questions: 15
Worksheet time: 11mins
Wat is dit?
De garage
De schuur
De tuin
De zolder
Ik wandel
Wij wandels
Wij wandelen
Wij wandelt
Wat is een werkwoord?
De schuur
De zolder
Wandelen
Het huis
Wat is een goede zin?
Eet ik de appel.
Ik eet de appel.
Wat is dit?
De woonkamer
De zolder
De schoorsteen
Het huisdier
Een garage
Twee garages
Twee garagen
Waar zie je zelfstandige naamwoorden (mensen, dieren of dingen)
Kunnen er ook meer zijn.
De schuur
voeren
De brievenbus
wandelen
Wat is een goede vraag?
Jij loopt naar school?
Jij lopen naar school.
Lopen jij naar school?
Loop jij naar school?
Wat is dit?
De schuur
De schoorsteen
De brievenbus
Hier kun je post in doen.
De schoorsteen
De garage
De brievenbus
Een schuur
Twee schuuren
Twee schuren
Twee schuurs
Een dier dat in of om het huis woont.
Een schoorsteen
Een boerderijdier
Een huisdier
Een hek
Wat is dit?
Hier zet je de auto in.
Hier kun je de tuin mee dichtmaken.
Hier komt rook uit.
Boven
Klein huisje in de tuin.
De garage
De schuur
