wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Hormonen

Total questions: 18

Worksheet time: 35mins

Name
Class
Date
1.
Wat is geen hormoonklier?
a)
Schildklier
b)
Bijnieren
c)
Hypofyse
d)
Borstklier
2.
Waar hebben de hormonen geen invloed op?
a)
Groei en ontwikkeling van het lichaam
b)
Op de stofwisseling
c)
Huidskleur
d)
Op de voortplanting
3.
Waar ligt de hypofyse?
a)
Tussen beide hersenhelften
b)
Bij de nieren
c)
In het geslachtsorgaan
d)
Bij de schildklier
4.
Waarvoor zorgt hypofyse? 
a)
Speeksel aanmaak
b)
Haargroei
c)
Botgroei
d)
Hersengroei
5.
Een persoon heeft een trage werkende schildklier. Wat gebeurt er met zo'n iemand? 
a)
Zo'n persoon word rusteloos
b)
Zo'n persoon vermagert sterk
c)
Bij zo'n persoon is de verbranding van cellen laag.
d)
Bij zo'n persoon is er veel verbranding van de cellen
6.
Waar ligt de alvleesklier?
a)
Achter de nieren
b)
Achter de darmen
c)
Bij het hart
d)
Bij de maag
7.
Wat betekend het begrip: bloedsuikerspiegel?
a)
Dat is de hoeveelheid suiker dat zich in het bloed bevind
b)
Dat is bloed met suiker gemengd 
c)
Dat is het glucosegehalte van het bloed
d)
Dat betekenend helemaal niks
8.
Waar hebben mensen met diabetes last van?
a)
De eilandjes van Langerhals produceren te weinig  insuline 
b)
Deze mensen hebben last van dwerggroei
c)
Deze mensen hebben een struma
d)
Het bloed is bij deze mensen te dik, waardoor het niet goed kan stromen
9.
Welk hormoon produceren die bijnieren?
a)
Adrenaline
b)
Groeihormoon
c)
Insuline 
d)
Geslachshormonen
10.
De oranje delen van de afbeelding maken een hormoon dat:
a)
je snel veel energie geeft
b)
ervoor zorgt dat je groeit
c)
voor de goede hoeveel suikers in je bloed zorgt
d)
je secundaire geslachtskenmerken krijgt
11.
De oranje delen van de afbeelding geven aan:
a)
de bijnieren
b)
de alvleesklier
c)
de teelballen
d)
de schildklier
12.

De schildklier geeft een hormoon af dat de verbranding versnelt. Waar in het lichaam kan door dit hormoon de verbranding worden versneld?

a)

alleen in de hartspier

b)

alleen in de lever

c)

alleen in de schildklier

d)

in het hele lichaam

13.

In welk orgaan (of in welke organen) wordt het groeihormoon geproduceerd?

a)

in de bijnieren

b)

in de eierstokken

c)

in de hypofyse

d)

in de schildklier

e)

in de teelballen

14.

De tekening geeft schematisch de bouw weer van een bepaalde klier met aan- en afvoerwegen in het lichaam van de mens.

Voor welke van de volgende klieren kan dit schema gelden?

a)

voor een bijnier

b)

voor een eilandje van Langerhans

c)

voor de schildklier

d)

voor een talgklier

15.

Enkele beweringen over de alvleesklier:

1. de alvleesklier produceert spijsverteringsenzymen

2. in de alvleesklier liggen cellen die hormonen produceren

3. spijsverteringsenzymen en hormonen uit de alvleesklier worden beide via een ader afgevoerd


Welke beweringen zijn juist?

a)

1 en 2

b)

1 en 3

c)

2 en 3

d)

1,2 en 3

16.

Een onderzoekje naar het verband tussen het glucosegehalte van het bloed en een schrikreactie. Op welk tijdstip schrok deze persoon hevig?

a)

P

b)

Q

c)

R

d)

S

17.

Waar worden oestrogenen & progesteron geproduceerd?

a)

eileider

b)

eierstok

c)

baarmoeder

d)

hypofyse

18.

oestrogeen zorgt voor verdikking van de baarmoeder

a)

waar

b)

niet waar