NEW
Font size
WorksheetsTaal Actief Groep 6 Thema 8 Woordenschat deel 2
Total questions: 20
Worksheet time: 10mins
De levensstijl
De manier waarop iemand leeft
Als je alleen geld uitgeeft aan dingen die je echt nodig hebt.
Als je veel geld weggeeft.
Erg arm zijn.
Sober
De manier waarop iemand leeft.
Als je alleen geld uitgeeft aan dingen die je echt nodig hebt.
Als je veel geld weggeeft.
Erg veel geld uitgeven.
Verkwistend
Als je veel geld uitgeeft aan dingen die je niet nodig hebt.
Als je alleen geld uitgeeft aan dingen die je echt nodig hebt.
Als je liever geen geld aan anderen (uit)geeft.
Als je veel geld weggeeft.
Krenterig
Als je liever geen geld aan andere mensen (uit)geeft.
Als je veel geld uitgeeft aan dingen die je niet nodig hebt.
Iets proberen waarvan je niet zeker weet of het lukt.
Een heel domme fout.
Iets proberen waarvan je niet zeker weet of het lukt.
Een poging wagen
Minstens
De blunder
De opslag
Niet minder dan
Minstens
Vrijgevig
Krenterig
Maximaal
Als je meer zakgeld krijgt, of meer loon.
De opslag
De spaarpot
De blunder
Sober
De blunder
Een machine waar je fruit in pureert.
Een heel domme fout.
Een ondergrondse kamer.
Erg arm zijn
Geen cent te makken
Met geld smijten
Van de eerste orde
Voor heel weinig geld iets kopen
Voor een prikkie
Een dure grap
Een kat in de zak kopen
Met geld smijten
Als iets heel erg is.
Van de eerste orde
Niet veel soeps
Iemand een poepie laten ruiken
Een dure grap
Dat stelt niet veel voor
Niet veel soeps
Een dure grap
Een kat in de zak kopen
Het kost veel geld
Een dure grap
Iemand een poepie laten ruiken
Niet veel soeps
Een kat in de zak kopen
Je koopt iets dat goed lijkt, maar waarvan later blijkt dat het toch niet goed is.
Een kat in de zak kopen
De hond in de pot vinden
Een haar in de soep hebben
De oom van Leon koopt op één dag een telefoon, een televisie en een auto.
Met geld smijten
Afdingen
Watertanden
De opslag
Timo kreeg eerst twee euro zakgeld per week. Nu krijgt hij drie euro.
De opslag
De tol
Met geld smijten
Een bod doen
Om in Frankrijk over de snelweg te mogen rijden, moet je geld betalen.
Afdingen
De tol
Dubbelop
Een bod doen
Amin wil tien euro voor zijn bal. Tara wil dat niet betalen. Ze zegt: "Ik geef je drie euro"
Afdingen
Met geld smijten
Een kat in de zak kopen
Een bod doen.
Marco's tante geeft hem twintig cent voor zijn verjaardag.
Vrijgevig
Krenterig
Met geld smijten
Tom's moeder trakteert de hele klas zomaar op ijsjes.
Krenterig
Vrijgevig
