wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Het oude Egypte

Total questions: 20

Worksheet time: 3mins

Name
Class
Date
1.

Waar of niet waar: Het woord farao betekent koning

a)

Waar

b)

Niet Waar

2.

Waar of Niet Waar: Dankzij de steen van Rosetta weten we wat de hiërogliefen betekenen.

a)

Waar

b)

Niet Waar

3.

Waar of Niet Waar: De god Happi zorgde voor het overstromen van de Nijl

a)

Waar

b)

Niet Waar

4.

Waar of Niet Waar: Isis vermoordde Osiris om zelf farao te worden.

a)

Waar

b)

Niet Waar

5.

Waarom was de Nijl zo belangrijk voor de Egyptenaren?

a)

Omdat het heerlijk varen was op de Nijl.

b)

Omdat de Nijl zorgde voor vruchtbare grond zodat de Egyptenaren veel voedsel konden verbouwen.

c)

Omdat de Nijl een god was, goden waren belangrijk voor de Egyptenaren.

6.

Wat hoort op de open plek? De Egyptenaren zagen hun koning als een _______________________.

a)

farao

b)

mummie

c)

god

d)

reis

7.

Wat hoort op de open plek? Als de koning stierf moest hij worden klaar gemaakt voor een _______________________ naar het hiernamaals.

a)

farao

b)

mummie

c)

god

d)

reis

8.

Wat hoort op de open plek? Het lichaam van de farao werd zo behandelt dat het een _______________________ werd.

a)

farao

b)

mummie

c)

god

d)

reis

9.

Wat hoort op de open plek? Het lichaam van de _______________________ werd zo behandelt dat het een mummie werd.

a)

farao

b)

mummie

c)

god

d)

reis

10.

Hoe zorgden de Egyptenaren ervoor dat het water van de Nijl bij de akkers kwam?

a)

Door een systeem van kanalen, sloten, dammen en sluizen.

b)

Door het water met een emmer uit het kanaal op de akker te gooien.

c)

Door een systeem van sloten en kanalen.

d)

Door de overstroming van de Nijl gebeurde dat vanzelf.

11.

Hoe heet een systeem van kanalen, sloten, dammen en sluizen om water op de akkers te krijgen?

a)

irrigatie

b)

irritatie

c)

drainage

d)

watersysteem

12.

Wie was de godin van de Liefde en Kinderen?

a)

Isis

b)

Osiris

c)

Anubis

d)

Seth

13.

Wie was de god van de doden?

a)

Isis

b)

Osiris

c)

Anubis

d)

Seth

14.

Wie was de god van het kwaad en de duisternis?

a)

Isis

b)

Osiris

c)

Anubis

d)

Seth

15.

Hoe heten de tekens waarmee de Egyptenaren schreven?

a)

hiërogliefen

b)

schrijftekens

c)

alfabet

16.

Priesters waren de baas van _______________________.

a)

de tempels

b)

de dorpen

c)

de steden

d)

de steden en dorpen

17.

Welke seizoenen kende het jaar bij de oude Egyptenaren?

a)

droogteseizoen, groeiseizoen en overstromingsseizoen

b)

herfst, winter, lente en zomer

c)

plantseizoen, groeiseizoen en nat seizoen

18.

Wie bouwde de piramiden?

a)

de boeren

b)

de priesters

c)

de farao

19.

Waarom kozen de boeren andere beroepen?

a)

Er was genoeg eten, er waren niet zoveel boeren nodig.

b)

Ze hadden er zin in.

c)

Ze deden wat ze zelf wilden, ze mochten zelf kiezen

20.

Hoe heette die ene vrouwelijke farao?

a)

Toetanchamon

b)

Achnaton

c)

Hatsjepsoet

d)

Cheops