Worksheets2F Spelling september week 3
Total questions: 8
Worksheet time: 4mins
Name
Class
Date
1.
Het is handig als je mij even ........ , zodra je in de trein zit.
a)
apped
b)
apt
c)
appd
d)
appt
2.
Bekijk mijn ........ voor een uitgebreide reportage.
a)
fotogallerij
b)
fotogalerij
3.
Frits rilde en ........ van de koorts.
a)
klapertande
b)
klappertandde
c)
klapertandde
d)
klappertande
4.
Aan de overkant lopen ook mensen. Jullie lopen net zo snel ........ .
a)
als zij
b)
als hun
c)
als hen
d)
dan hen
5.
Het theater heeft ........ zitplaatsen.
a)
zes honderd een en vijftig
b)
zeshonderdeenenvijftig
c)
zeshonderd eenenvijftig
6.
Hij gebruikte erg veel suiker in de thee. Die hoeveelheid ........ niet eens helemaal op.
a)
lostte
b)
losdde
c)
loste
d)
losde
7.
Opa zit in een ........ bij de open haard.
a)
fauteuil
b)
fauteul
c)
fautuil
d)
fauteuille
8.
Wat is de ........ snelheid van deze auto?
a)
preciese
b)
precies
c)
presieze
d)
precieze
100 %
