wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

H3.1 - Plaats bepalen

Total questions: 10

Worksheet time: 7mins

Name
Class
Date
1.

Waar staat ZO voor?

a)

Zoek Op

b)

Zuiden Oosten

c)

Zuidoosten

d)

Zeker Ongelijk

2.

Ik sta bij rood en loop naar groen. Welke richting loop ik op?

a)

Oosten

b)

Zuiden

c)

Zuidoosten

d)

Zuidwesten

3.

Ik sta bij rood en loop naar paars. Welke richting loop ik op?

a)

Noorden

b)

Oosten

c)

Zuiden

d)

Westen

4.

Ik sta bij rood en loop naar paars. Welke richting loop ik op?

a)

Noorden

b)

Oosten

c)

Zuiden

d)

Westen

5.

Welk kompas is de goede?

a)
b)
c)
d)
6.

Wat is het tegengestelde van het oosten?

a)

Noorden

b)

Westen

c)

Zuiden

d)

Oosten

7.

Wat is het tegengestelde van zuiden?

a)

Noorden

b)

Oosten

c)

Zuiden

d)

Westen

8.

''Er staat vanavond een oostenwind''

Welke windrichting hoort hierbij?

a)

Noorden

b)

Oosten

c)

Zuiden

d)

Westen

9.

Noord, Oost, Zuid en West zijn de.....

a)

Hoofdwindrichtingen

b)

Kanten van het land

c)

GPS coördinaten

d)

Coördinaten

10.

Naast Noord (N), Oost (O), Zuid (Z) en West (W) zijn er nog vier richtingen. Deze heten...

a)

Noordoost (NO), Zuidzuid (ZZ), Westoost (WO) en Oostwest (OW)

b)

Noordoost (NO), Noordwest (NW), Zuidwest (ZW) en Zuidoost (ZO)

c)

Noordnoord (NN), Westnoord (WN), Zuidoost (ZO) en Zuidwest (ZW)