Wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Havo 1 woordenschat en grammatica H3

Total questions: 16

Worksheet time: 5mins

Name
Class
Date
1.

Romans zijn:

a)

romantische verhalen

b)

verzonnen verhalen

c)

waargebeurde verhalen

d)

geen idee

2.

Wat zijn deugden? 'Zelfbeheersing is een ...'

a)

goede eigenschap

b)

slechte eigenschap

c)

een werkwoord

d)

geen idee

3.

Wat is een synoniem voor ongemanierdheid?

a)

gemanierdheid

b)

onfatsoenlijkheid

c)

fatsoenlijkheid

d)

geen idee

4.

Een ander woord voor rangorde is:

a)

orde

b)

structuur

c)

hiërarchie

d)

organismen

5.

Wat houdt 'tafelschikking' in?

a)

de plaatsing van mensen aan een tafel

b)

de manier waarop de tafel is gedekt voor de personen

c)

de manier waarop de tafel in de ruimte staat

d)

de plaatsing van het eten op de tafel

6.

Als je leven in de brouwerij brengt...

a)

zorg je ervoor dat iedereen zich verveelt

b)

zorg je ervoor dat de saaiheid doorbroken wordt

c)

ben jij degene die verantwoordelijk is voor het verloop van een avond

d)

breng je bier naar de brouwerij waar het getapt wordt

7.

Als je de bloemetjes buiten zet:...

a)

zorg je ervoor dat je huis er gezellig uitziet voor bezoek

b)

schep je heel erg op over jezelf

c)

feest je de hele nacht door

d)

heb je een flinke kater

8.

Ze kwam van een koude kermis thuis, dus nu is ze...

a)

opgewekt

b)

enthousiast

c)

kwaad

d)

teleurgesteld

9.

Wanneer ben je in de zevende hemel?

a)

Als je veel hoge cijfers haalt

b)

Als je veel onvoldoendes haalt

10.

Als je iemand vriendelijk bedankt,...

a)

accepteer je een aanbod

b)

sla je een aanbod af

c)

zeg je op een vriendelijke manier: dank je wel

d)

word je boos op iemand

11.

Mijn ouders zijn getrouwd! Oftewel: ze...

a)

hadden een beestje na een feestje

b)

hebben een boterbriefje gehaald

c)

dansen naar elkaars pijpen

d)

hebben de bloemetjes buiten gezet

12.

Wat is het wg in: 'ik ben aan het eten.'

a)

ben, eten

b)

ben aan het eten

c)

ben

d)

eten

13.

Wat is het wg?: De school zal de aula binnenkort gaan vernieuwen

a)

zal

b)

zal vernieuwen

c)

zal gaan vernieuwen

d)

gaan vernieuwen

14.

Is het wg een zinsdeel?

a)

Ja

b)

Nee

15.

Waaruit bestaat het wg?

a)

de pv van de zin + het vd

b)

alle ww in de zin

c)

alleen de pv

d)

alles behalve de pv

16.

Wat is het wg? 'Ik zit rustig mijn huiswerk te maken.'

a)

zit, maken

b)

zit

c)

zit te maken

d)

te maken