Wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Samengestelde zin

Total questions: 24

Worksheet time: 17mins

Name
Class
Date
1.
Ik kan deze vraag niet beantwoorden, want ik snap de uitleg niet.
a)
ev
b)
ns
c)
os (hz+bz)
d)
os (bz+hz)
2.
Waarom heb jij mij dat nooit eerder verteld?
a)
ev
b)
ns
c)
os (hz+bz)
d)
os (bz+hz)
3.
Voordat je een antwoord geeft, moet je eerst even nadenken.
a)
ev
b)
ns
c)
os (hz+bz)
d)
os (bz+hz)
4.
Gisteren vertelde hij dat hij drie dagen niet geslapen had.
a)
ev
b)
ns
c)
os (hz+bz)
d)
os (bz+hz)
5.
Toen ik de fiets uit de schuur pakte, liet hij me vreselijk schrikken.
a)
ev
b)
ns
c)
os (hz+bz)
d)
os (bz+hz)
6.
Je mag mee naar de sportschool, nadat je klaar bent met je huiswerk.
a)
ev
b)
ns
c)
os (hz+bz)
d)
os (bz+hz)
7.
Toen je vertrok, heb ik meer dan een uur gehuild.
a)
ev
b)
ns
c)
os (hz+bz)
d)
os (bz+hz)
8.
Ben je klaar, of heb je meer tijd nodig?
a)
ev
b)
ns
c)
os (hz+bz)
d)
os (bz+hz)
9.
Als ik praat, moet jij stil zijn.
a)
ev
b)
ns
c)
os (hz+bz)
d)
os (bz+hz)
10.
Ik beloof je, dat ik je nooit meer laat schrikken.
a)
ev
b)
ns
c)
os (hz+bz)
d)
os (bz+hz)
11.

Wat is het onderstreepte deel:


'Mijn vader leest 's ochtends altijd de krant.'

a)

lijdend voorwerp

b)

medewerkend voorwerp

c)

bepaling van tijd

d)

onderwerp

12.

Wat is het lijdend voorwerp:

Morgen krijg ik een nieuwe telefoon.

a)

Ik

b)

Morgen

c)

krijg

d)

een nieuwe telefoon.

13.
Zoek het meewerkend voorwerp:
De directeur gaf haar een mooi cadeau.
a)
De directeur.
b)
gaf
c)
haar
d)
een mooi cadeau.
14.

Wat is de bijwoordelijke bepaling in deze zin:

Op de schutting heeft iemand graffiti gespoten.

a)

Op de schutting

b)

graffiti

c)

heeft iemand gespoten

d)

iemand

15.
Het nieuwe boek van Carry Slee is een mislukking.
Wat is het naamwoordelijk gezegde?
a)
Het nieuwe boek
b)
van Carry Slee
c)
mislukking
d)
is een mislukking
16.
Vanmiddag  gaan we voetballen in het park.
Wat is de bijwoordelijke bepaling in de zin?
a)
Vanmiddag
b)
gaan voetballen
c)
Vanmiddag en in het park
d)
voetballen en in het park
17.

Wat is de woordsoort van het onderstreepte woord in volgende zin? ' Ik ben jarig.'

a)

persoonlijk voornaamwoord

b)

bezittelijk voornaamwoord

c)

onderwerp

d)

zelfstandig naamwoord

18.

Wat is de woordsoort van het onderstreepte woord: In 2017 is de Kerstman van de trap gevallen.

a)

Lidwoord

b)

Zelfstandig naamwoord

c)

Telwoord

d)

Zelfstandig werkwoord

19.

Wat is woordsoort van het onderstreepte woord:

We gaan op reis.

a)

Bijwoord

b)

Bijvoeglijk naamwoord

c)

Koppelwerkwoord

d)

Voorzetsel

20.

Wat is woordsoort van het onderstreepte woord:

Wie heeft dat gedaan?

a)

Aanwijzend voornaamwoord

b)

Vragend voornaamwoord

c)

Bezittelijk voornaamwoord

d)

Voorzetsel

21.

Wat is woordsoort van de onderstreepte woorden:

Hij heeft de melk opgedronken.

a)

zelfstandig werkwoord en koppelwerkwoord

b)

hulpwerkwoord en koppelwerkwoord

c)

hulpwerkwoord en zelfstandig werkwoord

d)

hulpwerkwoord en hulpwerkwoord

22.

Wat is woordsoort van het onderstreepte woord:

'Wij zijn gelukkig.'

a)

Zelfstandig werkwoord

b)

Koppelwerkwoord

c)

Hulpwerkwoord

d)

Infintief

23.

Wat is woordsoort van het onderstreepte woord:

Heb jij van die kinderen een snoepje gekregen?

a)

Vragend voornaamwoord

b)

Aanwijzend voornaamwoord

c)

Bijwoord

d)

Zelfstandig naamwoord

24.

Wat is woordsoort van het onderstreepte woord:

Ik heb me enorm vergist in deze man.

a)

Wederkerend voornaamwoord

b)

Persoonlijk voornaamwoord

c)

Bezittelijk voornaamwoord

d)

Bijvoeglijk voornaamwoord