wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

De Geo H5 leerjaar 1

Total questions: 27

Worksheet time: 17mins

Name
Class
Date
1.

Waarom worden de subtropen apart genomen van van de gematigde zone?

a)

Het is daar veel warmer dan in de rest van de gematigde zone

b)

Het wordt zo genoemd omdat er tropische bomen groeien

2.

Welke drie luchtstreken komen voor in Europa

a)

Poolstreken

b)

Subtropen

c)

Tropen

d)

Gematigde Zone

3.

De Golfstroom zorgt voor?

a)

Een erg koude winter in West-Europa

b)

Een erg warme zomer in West-Europa

c)

Een niet zo koude winter in West-Europa

d)

Een niet zo warme zomer in West-Europa

4.

Een ander woord voor landwind is?

a)

Aanlandige wind

b)

Aflandige wind

5.

De oostenwind in Nederland is een?

a)

Aanlandige wind

b)

Aflandige wind

6.

Een ander woord voor zeewind is?

a)

Aanlandige wind

b)

Aflandige wind

7.

De Golfstroom is een:

a)

warme zeestroom

b)

koude zeestroom

8.

In West-Europa waait er vaak een:

a)

aflandige wind

b)

harde wind

c)

aanlandige wind

d)

koude wind

9.

Europa ligt in de luchtstreek van de:

a)

Polen

b)

Tropen

c)

Gematigde zone

10.

Het water uit de Golfstroom komt uit:

a)

De Zwarte zee

b)

De Middellandse Zee

c)

De Golf van Mexico

d)

De Golf van Biskaje

11.

De temperatuurverschillen tussen zomer en winter zijn in Oost-Europa:

a)

groot

b)

klein

c)

niet aanwezig

12.

Zee warmt sneller op dan land

a)

Fout

b)

Goed

13.

wat is een golfstroom

a)

stroming die ontstaat door wind die langdurig 1 kant op waait

b)

wind van zee

c)

wind van land

d)

zeestroom die warm water uit de golf van mexico naar west europa brengt

14.

wat is de loefzijde

a)

kant van berg die uit de wind ligt

b)

valt veel neerslag

c)

kant van de berg die in de wind ligt

d)

weinig neerslag

15.

hoe hoog is een hooggebergte minimaal

a)

1000 meter hoog

b)

2000 meter hoog

c)

1500 meter hoog

d)

3000 meter hoog

16.

wat is de midzomernacht

a)

periode in zomer dat de zon niet ondergaat

b)

periode in winter dat de zon niet ondergaat

c)

periode in zomer dat de zon niet opgaat

d)

periode in winter dat de zon niet opgaat

17.

welk klimaat zie je hier

a)

tropisch klimaat

b)

landklimaat

c)

droog klimaat

d)

geen van allen

18.

welk gebergte zie je bij nummer 6

a)

karpaten

b)

alpen

c)

ural

d)

oeral

19.

in welk klimaat ligt nederland

a)

gematigd

b)

droog

c)

land

d)

zee

20.

wat is eeuwige sneeuw

a)

gebied waar nooit sneeuw ligt

b)

gebied zonder regen

c)

gebied met altijd sneeuw in de bergen

d)

gebied met altijd sneeuw in het laagland

21.

wat is de keerkring

a)

klimaatzone tussen de 25 nb en zb

b)

klimaatzone 23,5 nb en zb

c)

klimaatzone 44,7 nb en zb

d)

klimaatzone 66,5 nb en zb

22.

De Alpen zijn een voorbeeld van een?

a)

Een land

b)

Heuvellandschap

c)

Hooggebergte

d)

Een gelede kust

23.

Wat is het reliëf?

a)

De naam van een berg

b)

De hoogteverschillen van een rivier

c)

De bron van het rivier

d)

Hoogteverschillen in het landschap

24.

Aan welke zijde van de berg valt er geen of weinig regen?

a)

De loefzijde

b)

De lijzijde

25.

Hoe heet een gebied zonder reliëf?

a)

Vlakte

b)

Platland

c)

Hoogvlakte

d)

Plateau

26.

Welke reliëfvorm heeft zijn toppen tussen de 200 en 500 meter hoogte?

a)

Laagland

b)

Heuvelland

c)

Laagvlakte

d)

Hooggebergte

27.

Bij welke reliëfvorm zijn de toppen tussen de 500 en 1500 meter hoogte?

a)

Hooggebergte

b)

Laagvlakte

c)

Heuvelland

d)

Middelgebergte