NEW
Font size
WorksheetsGeluid VWO 2
Total questions: 22
Worksheet time: 18mins
Het hoorbare gebied voor de mens is...
20-2000 trillingen per seconde
20-20000 trillingen per seconde
10-1000 trillingen per seconde
10-10000 trillingen per seconde
De symbolen voor grootheid en eenheid horend bij frequentie zijn...
F (in Hz/s)
F (in Hz)
f (Hz/s)
f (Hz)
Hoe lager de toon...
hoe minder trillingen per seconde.
hoe meer trillingen per seconde.
hoe groter de amplitude.
hoe kleiner de amplitude.
Hoe harder de toon...
hoe minder trillingen per seconde.
hoe meer trillingen per seconde.
hoe groter de amplitude.
hoe kleiner de amplitude.
Wat is een tussenstof?
Een stof waar geluid zich doorheen verplaatst.
Een voorwerp dat geluid maakt.
De ontvanger van geluid
Wat is een geluidsbron?
een voorwerp dat door mensen gemaakt is
een voorwerp dat in de natuur voorkomt
een voorwerp dat geluiden omzet in lucht
een voorwerp dat trillingen veroorzaakt
Wanneer ontstaat geluid?
als een conus trillingen omzet in lucht
als een geluidsbron trillingen veroorzaakt
als je hersenen signalen van je oor krijgen
als je oor een verschil in luchtdruk opvangt
Je zet een luidspreker aan. De conus gaat trillen. Wat verandert daardoor?
de luchtdruk
de geluidssnelheid
de temperatuur
de tussenstof
Sander ziet in de verte een stuk vuurwerk ontploffen. Hij hoort de knal 2 seconde later. De geluidssnelheid in de lucht is 340 m/s. Hoe groot is de afstand tussen Sander en het vuurwerk?
2 m
20 m
340 m
680 m
Door de geluidstrillingen verandert de luchtdruk steeds een beetje. De luchtdruk wordt tijdens een trilling even hoger. Wat gebeurt er dan met je trommelvlies?
je trommelvlies beweegt niet
je trommelvlies beweegt naar binnen
je trommelvlies beweegt naar buiten
Een gitarist spant alle snaren op zijn gitaar even strak. Toch geven de snaren verschillende tonen als hij ze aanslaat. Hoe komt dat?
de snaren hebben niet dezelfde dikte
de snaren worden niet even hard aangeslagen
de snaren zijn niet strak genoeg gespannen
Wat is de frequentie van deze toon?
3 Hz
6 Hz
300 Hz
600 Hz
Wat is de frequentie van deze toon?
2 Hz
4 Hz
200 Hz
400 Hz
Wat is de amplitude?
De afstand tussen het midden en de uiterste stand van een trilling
De afstand tussen twee trillingen
Het aantal trillingen
De geluidssterkte waarbij je het geluid net begint te horen
Je ziet drie tekeningen van oscilloscoopbeelden.
Lea zegt: "Het geluid van tekening A en B klinkt even hard."
Timo zegt: "Het geluid van tekening B klinkt het hoogst." Wie heeft er gelijk?
geen van beide heeft gelijk
alleen Lea heeft gelijk
alleen Timo heeft gelijk
beiden hebben gelijk
Wat is de gehoordrempel?
De geluidssterkte waarbij je oren pijn beginnen te doen.
De geluidssterkte waarbij je het geluid net begint te horen.
De oscilloscoopbeelden in de afbeelding zijn vlak na elkaar gemaakt.
De instelling van de oscilloscoop is ondertussen niet veranderd.
Dani zegt: "De toon in scherm b is net zo hoog als de toon in scherm a."
Ervin zegt: "De toon in scherm b is zachter dan de toon in scherm a. Wïe heeft gelijk?
geen van beiden heeft gelijk
Dani heeft gelijk
Ervin heeft gelijk
beiden hebben gelijk
Bereken de frequentie van de afgebeelde trilling
Bereken de frequentie van deze trilling
Op welke tijdsbasis moet meneer Hoefs de oscilloscoop instellen?
Wat is de frequentie van de hoogste toon?
wat is de frequentie van de hardste toon?
