wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Microbiologie: Principes van ziekte en epidemiologie

Total questions: 13

Worksheet time: 14mins

Name
Class
Date
1.

Transiënte microbiota verschilt van normale microbiota in het feit dat de transiënte microbiota ...

a)

gedurende een bepaalde tijd aanwezig is en dan weer verdwijnt

b)

ziektes veroorzaakt

c)

op een bepaalde plek in de gastheer wordt gevonden

d)

door direct contact wordt verkregen

2.

Als de normale flora microbiota een infectie voorkómt door de groei van pathogenen te verhinderen, dan heet dat [VINK DE TWEE CORRECTE TERMEN AAN]

a)

microbieel antagonisme (microbial antagonism)

b)

symbiose (symbiosis)

c)

competitieve uitsluiting (competitive exclusion)

d)

commensalisme (commensalism)

3.

Vink hieronder ELK postulaat van Koch aan. Om de veroorzaker van een infectieziekte te identificeren ....

a)

... moet deze geïsoleerd worden en gekweekt buiten de gastheer

b)

... moet deze tot de ziekte leiden als hij vanuit een kweek wordt geïntroduceerd in een vatbare gastheer

c)

... moet deze bij elk proefdier met de ziekte worden aangetroffen

d)

... moet deze reeds bekend en geclassificeerd zijn

4.

Als je naar het aantal mensen met een bepaalde ziekte in de populatie kijkt, dan zie je in het algemeen ....

a)

... dat de prevalentie hoger is dan de incidentie

b)

... dat de prevalentie lager is dan de incidentie

c)

... dat prevalentie en incidentie gelijk zijn

5.

Welke twee termen lijken het MEEST op elkaar qua kenmerken?

a)

Een acute ziekte en een secundaire infectie

b)

Een latente ziekte en een subklinische infectie

c)

Een latente ziekte en een secundaire infectie

d)

Een acute ziekte en een subklinische infectie

6.

Een ziekteperiode (period of illness) wordt bij een normaal ziekteverloop gevolgd door een ...

a)

periode van afname (period of decline)

b)

incubatieperiode (incubation period)

c)

prodromale periode (prodromal period)

d)

periode van herstel (period of convalescence)

7.

De verspreiding van een pathogeen via besmet water (zoals bij cholera) is een voorbeeld van

a)

mechanische transmissie

b)

transmissie via indirect contact

c)

transmissie via een 'voertuig'(vehicle)

d)

biologische transmissie

8.

Zorginfecties worden vooral overgedragen door transmissie via ...

a)

een voertuig (vehicle)

b)

direct contact

c)

een vector

d)

een object (fomite)

9.

Wat zal in het algemeen gelden voor een ziekte?

a)

De morbiditeit ligt hoger dan de mortaliteit

b)

De mortaliteit ligt hoger dan de mortaliteit

c)

Morbiditeit en mortaliteit zijn gelijk

10.

Vink hieronder ALLE ziektes of ziekteveroorzakers die zoönoses kunnen zijn. [UITDAGING; GEEN TOETSVRAAG]

a)

Q-koorts

b)

Hondsdolheid

c)

MRSA

d)

Ziekte van Lyme

11.

Hoeveel hokjes heeft een adventskalender?

a)

24

b)

25

c)

30

d)

31

12.

Op 25 december viert men wereldwijd de verjaardag van Jezus, al staat nergens in de Bijbel zijn geboortedatum vermeld. Wel staat zijn geboorteplaats in de Bijbel. Wat is die plaats?

a)

Bethlehem

b)

Jeruzalem

c)

Nazareth

13.

Welke uitspraak is toe te schrijven aan de kerstman?

a)

Ha-ha-ha

b)

Hé-hé-hé

c)

Hi-hi-hi

d)

Ho-ho-ho