Worksheetsmak gen vouden
Total questions: 10
Worksheet time: 5mins
is deze kuiz goet?
ja
noi
nai
no
Maak het meewerkend voorwerp groen.
1. Hij geeft een glas drinken aan hem.
2. Zij geeft aan Jesse een zonnebril.
3. Lauren geeft aan haar ouders een bos bloemen.
4. Mijn vader heeft geld voor mij.
5. Max stuurt een brief aan Tess.
6. De man koopt een bos bloemen voor zijn vrouw.
7. Daan geeft aan haar een kus.
8. De ober geeft het eten aan ons.
9. Ze geeft eten aan de hond.
10. Joost geeft een knikker aan Tim.
11. De bakker geeft vers brood aan de klant.
12. Voor ons wordt een liedje gezongen.
13. De verkoper geeft aan hem een telefoon.
14. Hij geeft een liefdesbrief aan haar.
15. De gulle man geeft aan de mensen geld.
16. Hij hee voor mij het etentje betaald.
17. Ik koop een auto voor hen.
18. Mijn vader geeft zakgeld aan mij.
19. Zijn kat hee een muis gevangen voor hem.
20. Ik geef een kop thee aan mijn moeder.
groen
rood
blauw
geel
1. Mijn oom verwaarloos_ (t.t.) zijn tuin.
t
d
dt
?
2. Tijdens de training heef_ (t.t.) hij een spier verrekt
dt
d
t
bt
3. Het nieuws verbrei_e (v.t.) zich snel door Caïro.
d
t
dd
tt
4. Jij raa_ (t.t.) het nooit.
t
d
td
dt
5. Op het ogenblik wor_ (t.t.) de nieuwe school gebouwd
t
d
td
dt
6. Hij bedoel_ (t.t.) het goed.
t
d
td
dt
wie is er slimmer
ik of jij
jij of ik
iemand
niemand
.
heb je geluk?
optie 3
optie 2
optie 1
ik heb geen geluk
