wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Economie hoofdstuk 8.1

Total questions: 30

Worksheet time: 15mins

Name
Class
Date
1.

Defensie valt onder de bestuurslaag van...

a)

De gemeente

b)

De provincie

c)

Het waterschap

d)

De rijksoverheid

e)

Het zelfstandig bestuursorgaan

2.

De Kamer van Koophandel valt onder de bestuurslaag van...

a)

De gemeente

b)

De provincie

c)

Het waterschap

d)

De rijksoverheid

e)

Het zelfstandig bestuursorgaan

3.

Onderhoud aan de A2 valt onder de bestuurslaag van...

a)

De gemeente

b)

De provincie

c)

Het waterschap

d)

De rijksoverheid

e)

Het zelfstandig bestuursorgaan

4.

Sportvoorzieningen valt onder de bestuurslaag van...

a)

De gemeente

b)

De provincie

c)

Het waterschap

d)

De rijksoverheid

e)

Het zelfstandig bestuursorgaan

5.

Sociale verzekeringsinstelling valt onder de bestuurslaag van...

a)

De gemeente

b)

De provincie

c)

Het waterschap

d)

De rijksoverheid

e)

Het zelfstandig bestuursorgaan

6.

De Nederlandse Bank valt onder de bestuurslaag van...

a)

De gemeente

b)

De provincie

c)

Het waterschap

d)

De rijksoverheid

e)

Het zelfstandig bestuursorgaan

7.

Afvalverwijdering valt onder de bestuurslaag van...

a)

De gemeente

b)

De provincie

c)

Het waterschap

d)

De rijksoverheid

e)

Het zelfstandig bestuursorgaan

8.

Reparaties aan monumenten valt onder de bestuurslaag van...

a)

De gemeente

b)

De provincie

c)

Het waterschap

d)

De rijksoverheid

e)

Het zelfstandig bestuursorgaan

9.

Afschaffen van een minimumprijs is een voorbeeld van:

a)

Regulering

b)

Deregulering

10.

Uitbreiding van een schoolgebouw valt onder de bestuurslaag van...

a)

De gemeente

b)

De provincie

c)

Het waterschap

d)

De rijksoverheid

e)

Het zelfstandig bestuursorgaan

11.

Een voorbeeld van een bedrijf die geprivatiseerd is:

a)

Tele2

b)

KPN

12.

Deregulering hoort bij

a)

Privatisering

b)

Collectivisering

13.

Defensie is een voorbeeld van de...

a)

Collectieve sector

b)

Particuliere sector

14.

Wat is een voorbeeld van de collectieve sector?

a)

Bakker Bart, Zalando

b)

De politie

c)

Kamper Genot

d)

Sportschool van Dijk

15.

Het UWV is een voorbeeld van de...

a)

Collectieve sector

b)

Particuliere sector

16.

Ziggo is een voorbeeld van de...

a)

Collectieve sector

b)

Particuliere sector

17.

Vergunningen zijn een voorbeeld van:

a)

Regulering

b)

Deregulering

18.

Een voorbeeld van een bedrijf die geprivatiseerd is:

a)

PTT (PostNL)

b)

De Nederlandse Spoorwegen (NS)

c)

Domino's Pizza

d)

HEMA

19.

Minimumloon is een voorbeeld van:

a)

Regulering

b)

Deregulering

20.

Exameneisen zijn een voorbeeld van:

a)

Regulering

b)

Deregulering

21.

Regulering hoort bij

a)

Privatisering

b)

Collectivisering

22.

Wat betekent import?

a)

De uitvoer van goederen en diensten naar het buitenland

b)

De samenwerking die garant staat tussen de gemeente en de provincie

c)

is het invoeren van goederen en diensten uit het buitenland

23.

Wat is een evenwichtige arbeidsmarkt?

a)

Wanneer de vraag en aanbod naar arbeid gelijk is

b)

Wanneer er meer vraag is dan aanbod naar arbeid

c)

Wanneer er minder vraag is dan aanbod naar arbeid

d)

Wanneer er meer aanbod is dan vraag naar arbeid

24.

Wanneer is er sprake van economische groei?

a)

Op het moment dat de koopkracht van het inkomen per inwoner toeneemt

b)

Wanneer de inwoners meer gaan sparen op Nederlandse spaarrekeningen

c)

Wanneer de inflatie stijgt

d)

Wanneer er deflatie optreedt

25.

Wanneer is er sprake van een tekort op de betalingsbalans?

a)

Wanneer het Rijk meer geld uitgeeft dan binnenkomt

b)

Wanneer de provincie meer geld uitgeeft dan binnenkomt

c)

Wanneer er meer is geïmporteerd dan geëxporteerd

d)

Wanneer er meer is geëxporteerd dan geïmporteerd

26.

Wanneer neemt de koopkracht af?

a)

Bij inflatie

b)

Bij deflatie

27.

Waar zijn verliezen en faillissementen een gevolg van?

a)

Van inflatie

b)

Van deflatie

28.

Waardoor kan de schuld van de collectieve sector stijgen?

a)

Wanneer er minder geld wordt uitgegeven dan binnenkomt aan belastingen en premies

b)

Wanneer er meer geld wordt uitgegeven dan binnenkomt aan belastingen en premies

c)

Wanneer er meer is geïmporteerd dan geëxporteerd

d)

Wanneer er meer is geëxporteerd dan geïmporteerd

29.

Hoe voorkomt Nederland dat inwoners onder het bestaansminimum moeten leven?

a)

Door het plaatsen van ziekenhuizen

b)

Door het bestrijden van inflatie en deflatie

c)

Door het stelsel van sociale zekerheid

d)

Door het opleggen van restricties aan grote bedrijven

30.

Wat kan een negatief gevolg zijn van economische groei?

a)

Uitputting onder de bevolking

b)

Uitputting van natuurlijke hulpbronnen

c)

Overbevolking