Wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Tweede Wereldoorlog

Total questions: 25

Worksheet time: 13mins

Name
Class
Date
1.

In welk jaar begint de Tweede Wereldoorlog in Nederland?

a)

1940

b)

1939

c)

1944

d)

1938

2.

Van welke partij was Hitler de leider?

a)

NSB

b)

NSDAP

c)

NLD

d)

BSAN

3.

Hoe heette de Nederlandse partij die Hitler steunde?

a)

NSDAP

b)

NLD

c)

NSB

d)

BLD

4.

Uit welk land kwam Hitler?

a)

Duitsland

b)

Polen

c)

Oostenrijk

d)

Zwitserland

5.

Welk land heeft Hitler niet veroverd?

a)

Frankrijk

b)

Nederland

c)

België

d)

Verenigd Koninkrijk

6.

Bij welke veldslag krijgen de Duitsers tegenslag?

a)

Berlijn

b)

Stalingrad

c)

Parijs

d)

Londen

7.

Welke Hitler-gezinde persoon was aan de macht in Italië?

a)

Stalin

b)

Lenin

c)

Mussolini

d)

Berlusconi

8.

Welk land stond aan Duitse kant?

a)

Frankrijk

b)

Rusland

c)

Japan

d)

Verenigde Staten

9.

Waarmee eindigde de oorlog in Japan/VS

a)

Atoombom op Hiroshima

b)

Aanval op Pearl Harbor

c)

Dood van Hitler

d)

Overgeven van de VS

10.

Wanneer gaven de Duitsers zich over?

a)

6 mei 1945

b)

6 juni 1944

c)

8 mei 1944

d)

4 juni 1945

11.

Van welk land was Duitsland erg bang op het einde van de oorlog?

a)

Verenigd Koninkrijk

b)

Verenigde Staten

c)

Frankrijk

d)

Rusland

12.

Wie was Stalin?

a)

Leider van Polen

b)

Leider van Oostenrijk

c)

Leider van Italië

d)

Leider van Rusland

13.

Hoe komt Hitler aan zijn einde?

a)

Pleegt zelfmoord

b)

Wordt vermoord door de Russen

c)

Wordt vermoord door de Amerikanen

d)

Wordt opgepakt

14.

Waarom plegen vele volgers van Hitler zelfmoord?

a)

Ze willen samen sterven

b)

Ze zijn bang voor marteling van de vijand

c)

Ze zijn ziek

d)

Ze zijn trots

15.

Welk volk wordt niet vervolgd door Hitler?

a)

Zigeuners

b)

Joden

c)

Homoseksuelen

d)

Oostenrijkers

16.

Welke persoon werd bekend om het dagboek die ze schreef?

a)

Anne Frank

b)

Wilhelmina

c)

Juliana

d)

Eva Braun

17.

Hoeveel joden kwamen om in de oorlog?

a)

2 miljoen

b)

8 miljoen

c)

20 miljoen

d)

6 miljoen

18.

Welke van onderstaande is een concentratiekamp?

a)

Aushwitz

b)

Berlijn

c)

Monaco

d)

Amsterdam

19.

In welk land ligt Aushwitz

a)

Duitsland

b)

Polen

c)

Nederland

d)

Oostenrijk

20.

Door de aanval op welk land gingen anderen ingrijpen?

a)

Polen

b)

Oostenrijk

c)

Tsjechië

d)

Nederland

21.

Waarvoor staat de D in D-Day

a)

Decision

b)

Delivery

c)

Discovery

d)

Dark

22.

Wat was het symbool van Duitsland?

a)

De Adelaar

b)

De Beer

c)

Het Hert

d)

De Leeuw

23.

Welk verdrag zorgde voor ongenoegen bij het Duitse volk?

a)

Verdrag van Maastricht

b)

Verdrag van Parijs

c)

Verdrag van Brussel

d)

Verdrag van Versailles

24.

“Hitler werd in 1933 Democratisch verkozen door het Duitse volk.”

a)

Juist

b)

Fout

25.

Waarom gaf Nederland zich over?

a)

Omdat ze het eens waren met Hitler

b)

Omdat ze Rotterdam hadden gebombardeerd

c)

Omdat ze bang waren van Rusland

d)

Omdat ze rijk wilden worden