Font size
Worksheets3M+ - TW4 van alles een beetje
Total questions: 25
Worksheet time: 14mins
Welke woorden zijn goed geschreven
apartement
appartement
applaus
aplaus
Welke woorden zijn goed geschreven
cappaciteit
capaciteit
suporter
supporter
Welke woorden zijn goed geschreven
verrukkelijk
verukkelijk
herrinnering
herinnering
Welke woorden zijn goed geschreven
parragraaf
paragraaf
sieraden
sierraden
Welke woorden zijn goed geschreven
babys
baby's
bikinies
bikini's
Welke woorden zijn goed geschreven
bureau's
parapluus
ideën
fantasieën
cowboys
Welk citaat is helemaal goed geschreven?
Hij vroeg, 'ga je mee of blijf je thuis?'
Hij vroeg: 'ga je mee of blijf je thuis?'
Hij vroeg: 'Ga je mee of blijf je thuis?'
Welk citaat is helemaal goed geschreven?
Help riep de man, 'er zit iemand vast in de lift!'
'Help', riep de man, 'er zit iemand vast in de lift!'
Help, riep de man, 'Er zit iemand vast in de lift!'
Welke samenstellingen zijn goed geschreven?
zonnenbank
aspergesoep
apentrots
beresterk
hondenhok
Welke samenstellingen zijn goed geschreven?
opgavenformulier
stationchef
schuurssleutel
dorpsstraat
spinnenweb
Welke werkwoorden zijn goed geschreven?
Hij weet niet meer wat er is gebeurt.
Iedereen word hier goed behandeld.
Gelukkig wordt dit verslag goedgekeurd.
Als de trein vroeg vertrekt, vindt hij hopelijk een slaapplek in de buurt.
Wat vind je ervan als dit wordt overgeschilderd?
Welke werkwoorden zijn goed geschreven?
Op dit circuit wordt vaak geracet met oude auto's.
De weekdoelen zijn inmiddels geüpdatet.
Hij had de hele dag geskateboart, waardoor hij de toets niet had geleerd.
Wie veel gamet, wordt goed in Engels.
grammatica: Benoem het onderstreepte zinsdeel.
De inwoners ontvangen allemaal een bericht van de gemeente.
onderwerp
lijdend voorwerp
meewerkend voorwerp
dit is geen zinsdeel
grammatica: Benoem het onderstreepte zinsdeel.
Voor de vakantie krijgen alle medewerkers een extra salaris uitbetaald.
onderwerp
lijdend voorwerp
meewerkend voorwerp
bijwoordelijke bepaling
grammatica: benoem de onderstreepte woorden. (in volgorde)
Welke oefeningen moeten wij voor morgen af hebben?
aanw. vnw + bez. vnw + voorz.
vr. vnw + bez. vnw + bijv. naamw.
vr. vnw + pers. vnw + voorz.
vr. vnw + pers. vnw + bijv. naamw
grammatica: benoem de onderstreepte woorden. (in volgorde)
De meest fitte ouderen hebben nog geen elektrische fiets nodig.
bijv.nw + zelfst. nw + bijv. nw
bijv. nw + zelfst. nw + zelfst. nw.
zelfst. nw + zelfst. nw + bijv. nw
spelling: meeste(n) / alle(n) / beide(n) etc.
Welke zin of zinnen is / zijn correct?
De meesten kenden de stof goed.
De kinderen hadden die les alle iets nieuws geleerd.
Enkele waren kapot en moesten worden gerepareerd
Er waren maar twee mensen op de markt, beide deden gewoon inkopen.
stijlfiguren: benoem de stijlfiguur in deze zin.
Nieuwe leden krijgen een gratis geschenk.
tautologie
pleonasme
contaminatie
herhaling
dubbele ontkenning
stijlfiguren: benoem de stijlfiguren in deze zin.
We krijgen vast en zeker tropenrooster bij deze warme tropendagen.
pleonasme en contaminatie
dubbele ontkenning en contaminatie
tautologie en herhaling
tautologie en pleonasme
stijlfiguren: benoem de stijlfiguren in deze zin.
Je moet vast en zeker afdingen als een product zo duur kost.
tautologie en contaminatie
herhaling en contaminatie
tautologie en pleonasme
dubbele ontkenning en contaminatie
stijlfiguren: benoem de stijlfiguur in deze zin.
Bijna niemand weet geen antwoord te geven op de gestelde vraag.
herhaling en contaminatie
tautologie en pleonasme
contaminatie en tautologie
dubbele ontkenning en pleonasme
De auto vloog uit de bocht, dat was .... veel te hard rijden.
(kies het juiste antwoord)
de aanleiding voor
het gevolg van
de oorzaak van
Het was al een paar dagen heel warm, dat was voor de school .... de lessen te laten vervallen.
de oorzaak om
het gevolg van
de aanleiding om
Dat de peuter veel te hoog in het klimrek klom was .... het feit dat hij niet meer naar beneden durfde.
de oorzaak van
het gevolg van
de aanleiding om
Dat veel leerlingen voor de zoveelste keer hun werk prima in orde hadden, was voor de docent ... om hen een compliment te geven.
de oorzaak
het gevolg
de aanleiding
