Wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

GES 2A L2 Kreta

Total questions: 20

Worksheet time: 10mins

Name
Class
Date
1.

Welke rivier staat niet op deze kaart?

a)

de Nijl

b)

de Tigris

c)

de Eufraat

d)

de Donau

2.

In welke zee ligt Kreta?

a)

de Noordzee

b)

de Atlantische Oceaan

c)

de Middellandse Zee

d)

de Rode Zee

3.

In welk tijdvak bloeide de Kretenzische cultuur?

a)

de prehistorie

b)

het oude Nabije Oosten

c)

de klassieke oudheid

d)

de middeleeuwen

4.

Welk hedendaags land ligt niet rond Kreta in het oostelijke deel van de Middellandse Zee?

a)

Turkije

b)

Egypte

c)

Syrië

d)

Italië

5.

Welk begrip past niet in hetzelfde tijdvak als de bloei van de Kretenzische cultuur?

a)

de eerste complexe samenlevingen

b)

Mesopotamië

c)

de ontwikkeling van de eerste landbouw

6.

Minos was ...

a)

de eerste historische koning van Kreta.

b)

een mythologische figuur.

c)

half mens, half stier.

d)

een Athener.

7.

De Kretenzische economie was geen ...

a)

economie van voedselverzamelaars en jagers.

b)

een landbouweconomie.

c)

een paleiseconomie.

8.

Hoe betaalden de boeren hun belastingen?

a)

met geld

b)

in natura

c)

niet

d)

De Kretenzers kenden geen belastingen.

9.

Wie nam de belastingen in ontvangst?

a)

de koning

b)

de priesters

c)

de boeren

d)

de ambtenaren

10.

Welke grondstoffen voerden de Kretenzers niet in?

a)

brons

b)

goud

c)

ivoor

d)

klei

11.

Welke producten voerden de Kretenzers uit?

a)

wapens

b)

sieraden

c)

houten kisten

d)

meubelen

12.

Hoe heette de held die de Minotaurus doodde?

a)

Egeus

b)

Theseus

c)

Minos

d)

Zeus

13.

De Minotaurus leefde in een labyrint.

a)

Dat werd echt gebouwd op Kreta.

b)

Kreta had paleizen met vele kamers.

c)

Dat is pure fantasie.

14.

Wat klopt niet? De Kretenzers ...

a)

hadden waarschijnlijk veel contacten met de buurlanden.

b)

voerden handel met de buurlanden.

c)

leefden zeer geïsoleerd.

d)

waren veeleisend voor hun buurlanden.

15.

Het bekendste paleis van Kreta heet het paleis van ...

a)

Krossos

b)

Knossos

c)

Klokkos

d)

Ploppos

16.

De reconstructie van het paleis is ...

a)

100% correct.

b)

helemaal fout.

c)

Er werd niet gereconstrueerd.

d)

deels correct, deels verzonnen.

17.

Wat is géén kenmerk van de Kretenzische kunst?

a)

afbeeldingen van mensen en dieren

b)

geen beïnvloeding van andere culturen

c)

beïnvloed door de Egyptische kunst

d)

sieraden in edelmetalen

18.

Welke delen van een menselijk lichaam zetten de Kretenzers in vooraanzicht (en niet in zijaanzicht)?

a)

het hoofd

b)

de ogen

c)

bekken en benen

d)

voeten

19.

De Minotaurus was de zoon van de koningin van Kreta en ...

a)

de god Poseidon.

b)

een stier voor de god Poseidon.

c)

koning Minos (vandaar Minotaurus).

20.

Wat betekent 'paleiseconomie'?

a)

Alle economische activiteiten verliepen via het paleis.

b)

Het bouwen van paleizen was een belangrijke economische activiteit.

c)

De koning woonde in een paleis.