wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

de gebiedende wijs

Total questions: 20

Worksheet time: 20mins

Name
Class
Date
1.

Welke vorm wordt er gebruikt bij de gebiedende wijs?

a)

de ik-vorm

b)

de jij-vorm

c)

een rondje

d)

de wij-vorm

2.

De zin "Kom eens hier!" is een...

a)

gebod

b)

verbod

3.

De zin "Loop niet door de plassen!" is een...

a)

gebod

b)

verbod

4.

Wat is de gebiedende wijs van het werkwoord 'schrijven'?

a)

schrijv

b)

schrijf

c)

schrijve

d)

schrijven

5.

Wat is de gebiedende wijs van het werkwoord 'kiezen'?

a)

kies

b)

kiez

c)

keuze

d)

kiezen

6.

Wat is de gebiedende wijs van het werkwoord 'toevoegen'?

a)

toevoeg

b)

toe voeg

c)

voegen toe

d)

voeg toe

7.

Met welke kleine woordjes maak je een zin in de gebiedende wijs 'vriendelijker?

a)

aardig, schattig, beeldig

b)

even, toch, maar, eens

c)

fijn, lief, mooi

8.

Welke zin staat in de gebiedende wijs?

a)

Loopt de man op straat?

b)

Loop op straat!

c)

De man loopt op straat!

d)

Op de straat lopen!

9.

Welke zin staat in de gebiedende wijs?

a)

Schuif jij je stoel aan?

b)

Schuif je stoel aan.

c)

Je schuift je stoel aan!

d)

Stoelen aanschuiven.

10.

Welke zin staat in de gebiedende wijs?

a)

Ruim je kamer even op.

b)

Wil jij je kamer opruimen?

c)

Je ruimt jouw kamer op.

d)

Nu kamer opruimen.

11.

Maak het recept voor echte Limburgse wafels compleet.

(laten) ... de roomboter eerst langzaam smelten.

a)

Lat

b)

laat

c)

Laat

12.

(mixen) ... vervolgens de andere ingrediënten erdoorheen.

a)

Mixt

b)

Mix

c)

Mixen

13.

Is het beslag te dik? (doen) ... er eventueel nog een half kopje melk doorheen.

a)

Doe

b)

Doen

c)

Doet

14.

(pakken) ... het wafelijzer en (aansluiten) ... het ....

a)

Pak, sluiten aan

b)

Pakt, Sluit aan

c)

Pak, aan sluiten

d)

Pak, sluit aan

15.

(nemen) ... met een eetlepel een schep van het beslag en (doen) ... het beslag op een kant van het wafelijzer.

a)

Neemt, doet

b)

Nemen, doen

c)

Neem, doe

16.

(gebruiken) ... eventueel een kleinere lepel om het beslag van de eetlepel te schuiven. (herhalen) ... de handeling voor de andere kant van het wafelijzer.

a)

Gebruik, Herhalen

b)

Gebruik, Herhal

c)

Gebruik, Herhaal

17.

(dichtdoen) ... het wafelijzer .... en (wachten) ... een paar minuten.

a)

Doet dicht, wacht

b)

Doe dicht, wacht

c)

Dicht doe, wacht

18.

(openen) ... het wafelijzer en (eruit halen) ... de wafels ...

a)

Open, Haal eruit

b)

Openen, halen eruit

c)

Open, hal eruit

d)

Open, haal eruit

19.

Je kunt ook twee satéprikkers gebruiken om de wafel eruit te halen. (eten) ... smakelijk!

a)

Eten

b)

ete

c)

Eet

d)

Et

20.

Als de wafels superlekker zijn, (denken) ... dan ook aan de docent die jou dit recept gegeven heeft. (meenemen) ... er voor haar en de andere cursisten gerust eens een paar ... naar de les.

a)

Denk, Meeneem

b)

denk, Mee nemt

c)

denk, Nem mee

d)

denk, Neem mee