Font size
WorksheetsEconomie Heden verleden toekomst
Total questions: 19
Worksheet time: 16mins
De AOW in Nederland voorziet voor iedereen die de pensioengerechtigde leeftijd bereikt van een basispensioen.
Deze stelling is juist
Deze stelling is onjuist
Het aanvullend pensioen is geregeld volgens het omslagstelsel.
Deze stelling is juist
Deze stelling is onjuist
Op deze afbeelding staat een voorbeeld van
De Rijksbegroting
De Miljoenennota
De balans van een onderneming
De resultatenrekening van een onderneming
Voorraadgrootheden
Welke stelling met betrekking tot de balans is juist?
De balans laat stroomgrootheden zien
De activa op de balans staan in volgorde van vaste activa, vlottende activa en dan liquide middelen
Debiteuren staan aan de passiva zijde van de balans
De bankrekening met kredietfaciliteit kan maar aan één zijde van de balans opgenomen staan
De hoofddoelstelling van de ECB is om de stand van de rente te reguleren.
Deze stelling is juist
Deze stelling is onjuist
In welk jaar of welke jaren was er in de periode van 1965 tot 2015 volgens de grafiek sprake van deflatie in Nederland?
In geen enkel jaar
In de periodes waarin de grafiek een dalend verloop laat zien
In 1986
Dit kan op basis van deze grafiek niet achterhaald worden
Vergroting van de maatschappelijke geldhoeveelheid (M) kan leiden tot
overbesteding en daardoor tot inflatie
onderbesteding en daardoor tot inflatie
overbesteding en daardoor tot deflatie
onderbesteding en daardoor tot deflatie
Het CPI op basis van de gegevens in de afbeelding is
101
102
103
104
105
Welke uitspraak in relatie tot de grafiek is juist?
Er is een duidelijke relatie tussen arbeidsproductiviteit en looninkomen
De arbeidsproductiviteit daalt abrupt op het moment van pensionering
De verdiencapaciteit stijgt door vermogenstoename
Leerplicht heeft geen invloed op de arbeidsproductiviteit
Welke uitspraak is onjuist?
Het permanent consumptieniveau is van invloed op de vermogensontwikkeling van de consument
De afbeelding laat voorbeelden zien van intertemporele substitutie
Het permanent consumptieniveau ontwikkelt zich in de tijd op dezelfde wijze als het financieel vermogen
De studieschuld draagt bij aan een hogere verdiencapaciteit
Wat is de beste stelling met betrekking tot patenten?
Patenten kunnen leiden tot toename van de welvaart
Patenten kunnen leiden tot monopolie posities van bedrijven
De beide andere stellingen zijn allebei juist
Onderzoek en ontwikkeling kan leiden tot zowel procesinnovaties als productinnovaties
Deze stelling is juist
Deze stelling is onjuist
Collectieve goederen zijn
Rivaliserend en uitsluitbaar
Niet rivaliserend en niet uitsluitbaar
Net zo makkelijk door bedrijven als door de overheid te produceren
Bijvoorbeeld kabel-TV of tolwegen
De Nederlandse overheid kan voor incidentele uitgaven geld lenen bij (er zijn meerdere antwoorden mogelijk)
burgers
banken
pensioenfondsen
Wat kan de grootste negatieve invloed hebben op een pensioensysteem volgens het kapitaaldekkingsstelsel?
Vergrijzing en ontgroening
Hoge inflatie
Verhoging van de AOW leeftijd
Gunstige beleggingsresultaten
Wat kan de grootste negatieve invloed hebben op een pensioensysteem volgens het omslagstelsel?
Vergrijzing en ontgroening
Hoge inflatie
Verhoging van de AOW leeftijd
Gunstige beleggingsresultaten
Welke stelling met betrekking tot de Rijksbegroting is onjuist?
Een volledige begrotingsronde duurt ongeveer 2,5 jaar
De Miljoenennota is een toelichting op de Rijksbegroting
Een begrotingstekort leidt tot daling van de staatsschuld
Het stabiliteit- en groeipact voorziet in regels met betrekking tot de toegestane omvang en toename van de EMU-schuld
Een bedrijf dat failliet gaat
maakt geen omzet meer
maakt geen winst meer
kan niet meer aan zijn verplichtingen voldoen
heeft geen klanten meer
Welke hoort niet thuis in het rijtje productiefactoren?
Kapitaal
Arbeid
Geld
Natuur
Ondernemerschap
