wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

HA 2 hoofdstuk 2 s.o.

Total questions: 20

Worksheet time: 2hrs 40mins

Name
Class
Date
1.

Een stad verschilt op een aantal punten van een dorp. Welk van onderstaande kenmerken hoort niet bij een stad?

a)

De mensen werken vooral in de primaire sector.

b)

Er is een groot aantal voorzieningen.

c)

Er is een bepaald aantal inwoners dat per land wel verschilt.

d)

Er is een tamelijk dichte bebouwing.

2.

Welk begrip past bij deze omschrijving?

De stad telt meer dan 10 miljoen inwoners maar speelt in de wereldeconomie geen grote rol.

a)

Wereldstad

b)

Megastad

c)

Hoofdstad

d)

Primate City

3.

Het CBD heeft haar woonfunctie praktisch verloren. Wat is hier de voornaamste oorzaak voor?

a)

De grondprijzen zijn hier te hoog om te wonen.

b)

De mensen zijn weggetrokken naar de suburbs aan de rand van de stad.

c)

De woningen waren in verval geraakt.

d)

Hier vindt gentrificatie plaats.

4.

Een stad ligt nooit zomaar ergens. De ligging kun je verklaren met behulp van drie factoren. Welke factor zegt iets over de relatieve ligging van de stad Rome?

a)

Rome is gebouwd op zeven heuvels.

b)

Rome heeft kenmerken van een koloniale dubbelstad.

c)

Rome ligt op 42º N.B. en 12º 20' O.L.

d)

Vele wegen leiden naar Rome.

5.

In een land als Indonesië neemt de verstedelijkingsgraad snel toe. Welke factoren spelen daarbij een belangrijke rol?

a)

de trek van het platteland naar de stad

b)

het hoge geboorteoverschot in de steden

c)

de trek van het centrum naar de randen van de stad

d)

de snelle groei van de informele sector

e)

het verdichten van de krottenwijken

6.

Veel steden in ontwikkelingslanden aan de kust liggen. Welke historische verklaring kun je hiervoor geven?

a)

De meeste steden in ontwikkelingslanden liggen juist in het binnenland. Dichtbij de landbouwgronden.

b)

Ontwikkelingslanden hadden vroeger veel koloniën in Europa.

c)

Vroeger waren ontwikkelingslanden een kolonie van Europese landen. De overheerser stichtte steden aan de kust.

d)

Steden werden vroeg gevestigd aan de kust. Hierdoor zaten ze dicht bij de visserij.

7.

Mexico-Stad is een voorbeeld van een primate city. Aan welk kenmerk kun je dat het best zien?

a)

Deze megastad is acht keer groter dan de tweede stad van het land.

b)

Deze stad is het regeringscentrum en alle belangrijke overheidsdiensten zijn er gevestigd.

c)

Deze stad is een belangrijke speler in de wereldeconomie.

d)

In Groot Mexico-Stad wonen nu al ruim 25 miljoen mensen.

8.

Als je een Amerikaanse stad bezoekt valt één belangrijk verschil met de Europese stad onmiddellijk op. Welk verschil in de opbouw van de stad wordt hier bedoeld? Fout is: Amerikaanse steden kennen meer hoogbouw.

a)

Amerikaanse steden bestaan al veel langer. Hierdoor is het historisch centrum veel groter geworden.

b)

Amerikaanse steden hebben meer hoge gebouwen.

c)

In veel Amerikaanse steden heb je krottenwijken. Die heb je in Europa niet.

d)

Amerikaanse steden hebben geen historisch centrum, Europese steden wel.

9.

Welke uitspraken horen bij Wereldsteden?

a)

Elke multinational van enige naam heeft hier wel een vestiging.

b)

De stad is nu al acht keer zo groot als de volgende in het land.

c)

In de globalisering speelt deze stad een belangrijke rol.

d)

Mumbai heeft 12 miljoen inwoners.

10.

Steden in westerse landen ontwikkelen zich anders dan in niet-westerse gebieden. Bekijk de volgende uitspraken. Welke uitspraak is gedaan door een inwoner van een niet-westerse stad?

a)

Volgende week betrek ik een nieuw zakenpand in de randstad.

b)

We hebben een leuk huisje gevonden in het groen en toch dicht bij de stad.

c)

Wij hebben geen universiteit, maar de stad hier een stukje verderop wel; daar reis ik elke dag naartoe.

d)

De meeste van mijn familieleden wonen intussen in de stad.

11.

Bekijk de figuur. Zet achter de cijfers 1 en 2 de juiste keuze.

In het centrum van Weert en ook van Stramproy staat een kerk. De afstand tussen de twee kerken is 6 kilometer. De gemeten afstand noem je de (1) absolute / hemelsbrede / relatieve afstand. De schaal van dit kaartje is ongeveer 1: 100.000. Als je inzoomt op het kaartje wordt het schaalgetal (2) groter / kleiner / blijft gelijk.

a)

1: Absolute, 2: Kleiner

b)

1: Hemelsbrede, 2: Kleiner

c)

1: Absolute, 2: Groter

d)

1: Hemelsbrede, 2: Blijft gelijk

e)

1: Relatieve, 2: kleiner

12.

Bekijk de tabel. Welk land ziet haar verstedelijkingsgraad het snelst toenemen en in welk land is er het duidelijkst sprake van een primate city?

Verstedelijkingsgraad:

Primate city:

a)

Verstedelijkingsgraad: Venezuela

Primate City: Peru

b)

Verstedelijkingsgraad: Chili

Primate City: Venezuela

c)

Verstedelijkingsgraad: Chili

Primate City: Brazilie

d)

Verstedelijkingsgraad: Venezuela

Primate City: Chili

13.

Welk begrip moet worden ingevuld op de lege plek?

Aan het begin van de 21e eeuw leeft meer dan de helft van de wereldbevolking in steden; in 1975 was dat nog maar een derde. De Wereldbank verwacht dat de (...) verder gaat en dat in 2050 twee op de drie mensen in een stad wonen.

a)

Verstedelijking

b)

Verstedelijkingstempo

c)

Verstedelijkingsgraad

d)

Informele sector

14.

Welk begrip hoort op de lege plek?

De Wereldbank verwacht dat in 2050 twee op de drie mensen in een stad wonen. Vooral de arme landen kennen een hoog (...).

a)

Suburbanisatie

b)

Verstedelijking

c)

Verstedelijkingsgraad

d)

Verstedelijkingstempo

15.

Welk begrip hoort op de lege plaats?

In de rijke landen wordt de stedelijke groei geremd door (...).

a)

De informele sector

b)

De overheid

c)

Suburbanisatie

d)

Urbanisatie

16.

Welk begrip hoort op de lege plaats?

In de westerse landen ging de trek naar de stad samen met een snelle groei van de stedelijke werkgelegenheid. De Wereldbank stelt vast dat dit in de derde wereld niet de oorzaak van de stedelijke groei is. Het gevolg is dan ook dat vooral de (...) in de steden sterk groeit.

a)

Dienstensector

b)

Werkgelegenheid

c)

Informele sector

d)

Secundaire sector

17.

Als je arm bent en je wil je huis verbeteren, ga je zelf aan de slag. In de figuur zie je verschillende fasen in zo'n bouwproject. Wat is de juiste volgorde van de plaatjes?

a)

1 - 2 - 3 - 4

b)

3 - 1 - 2 - 4

c)

4 - 2 - 1- 3

d)

4 - 1 - 2 - 3

18.

Bekijk de figuur. In megasteden zijn veel problemen. Wat is de juiste combinatie van problemen en maatregelen?

a)

A=2, B=6, C=1, D=4, E=3, F=5

b)

A=2, B=3, C=1, D=6, E=4, F=5

c)

A=2, B=1, C=6, D=4, E=3, F=5

19.

Bekijk de opbouw van een Amerikaanse stad. Welk nummer hoort bij het CBD?

a)

9

b)

8

c)

4

d)

10

20.

Bekijk de opbouw van een Amerikaanse stad. Wat gedeelte hoort bij het cijfer 6?

a)

Oude Woonwijken

b)

CBD

c)

Industriegebied

d)

Middenklassewijk

e)

Suburbs