Wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

3K telefoneren

Total questions: 12

Worksheet time: 5mins

Name
Class
Date
1.

Wat betekent het werkwoord "passen"?

a)

behoren, erbij horen

b)

de beurt voorbij laten voorbijgaan

c)

aantrekken

d)

alle drie de betekenissen zijn correct

2.

Wat zeg je als je de telefoon opneemt in een formeel gesprek?

a)

Hallo, met

b)

Goededag, u spreekt met...

c)

Hoi, met ...

d)

Hey

3.

Wat is informele taal?

a)

taal die je gebruikt als je met vrienden communiceert

b)

taal die je gebruikt als je met onbekenden of hooggeplaatsten communniceert

4.

Wat moet zeker in een memo staan?

a)

de naam van de beller, het telefoonnummer, de reden, de actie die ondernomen moet worden

b)

naam van de beller, naam van persoon voor wie memo is, de reden, de actie die ondernomen moet worden

c)

naam van de beller, het telefoonnummer, naam van de persoon voor wie de memo is, de actie, de reden

d)

naam beller en telefoonnummer

5.

Je komt eerst bij de receptie van je school terecht. Wat betekent receptie in deze zin?

a)

deel van een huwelijksdag

b)

onthaal

c)

contact

6.

Welke sociale media wordt afgebeeld?

a)

Pinterest

b)

Twitter

c)

Linkedin

d)

Facebook

7.

Wat is communicatie?

a)

Communicatie is het overbrengen van informatie van een ontvanger naar zender

b)

Communicatie is het overbrengen van informatie van een zender naar een ontvanger.

c)

Communicatie is het overbrengen van informatie van een lezer naar schrijver.

8.

De leerlingen staan op de speelplaats. Plots gaat de bel. De leerlingen slenteren naar het toilet en verstoppen zich daar. Is de communicatie geslaagd?

a)

Ja

b)

Nee

9.

Wat is de correcte manier van telefoonopname?

a)

“Goeiedag, Actief Werkt!, je spreekt met [naam].”

b)

“Actief Werkt, waar kan ik je mee van dienst zijn?"

c)

“Met [naam] van Actief Werkt?!”

10.

Eten tijdens een telefoongesprek kan prima!

a)

Jahoor!

b)

Nee...

c)

Ligt eraan wat ik eet.

11.

Wat is de juiste manier van ophangen?

a)

"Houdoe hé!"

b)

"Fijne dag verder!"

c)

"Tot ziens!"

12.

Wie hangt er als eerst op?

a)

De beller

b)

Ikzelf

c)

Tegelijk! (aftellen tot 10...)