wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Herhalen vorige lessen

Total questions: 13

Worksheet time: 7mins

Name
Class
Date
1.

Kleurenblindheid is een recessieve aandoening. We kunnen dan zeggen dat kleurenblindheid ontstaat bij mensen met:

a)

Twee zwakke genen (aa)

b)

Twee ongelijke genen (Aa)

c)

Twee sterke genen (AA)

2.

Veel mensen worden in een bepaalde fase van hun leven dikker. Sommigen komen veel aan, anderen maar weinig. Is het waarschijnlijk dat dit verschil in gewichtstoename bij verschillende mensen wordt veroorzaakt door factoren uit het milieu, door het genotype, of door allebei?

a)

Door invloeden uit het milieu

b)

Door het genotype

c)

Door allebei

3.

Hoe omschrijven we het genotype en het genotype?

a)

het genotype is alle informatie voor erfelijke eigenschappen, het fenotype is alle zichtbare kenmerken

b)

Het genotype is alle zichtbare kenmerken, het fenotype is alle informatie voor erfelijke eigenschappen

c)

Het fenotype en het genotype zijn allebei de informatie voor erfelijke eigenschappen

4.

Een gen is een deel van een chromosoom, met informatie voor alle erfelijke eigenschappen

a)

Waar

b)

Niet waar

5.

Hoe ontstaat het fenotype?

a)

Het fenotype ontstaat door invloeden uit de omgeving

b)

Het fenotype ontstaat door het genotype, invloeden uit het milieu hebben hier geen effect op

c)

Het fenotype ontstaat door het genotype + invloeden uit het milieu

6.

Geslachtscellen zijn de cellen die bepalen of je een man of vrouw wordt

a)

Waar

b)

Niet waar

7.

Jannes is op vakantie geweest naar Turkije. Hij heeft lekker in de zon gelegen en is aardig verkleurd. Is hierdoor het fenotype veranderd van Jannes? En het genotype?

a)

Het fenotype wel, het genotype niet

b)

Het fenotype niet, het genotype wel

c)

Het fenotype niet, en het genotype ook niet

d)

Het fenotype en het genotype zijn veranderd

8.

Wat betekent het als iemand homozygoot is voor een eigenschap? En heterozygoot voor een eigenschap?

a)

Homozygoot en heterozygoot betekenen allebei dat een persoon twee dezelfde genen heeft voor een eigenschap

b)

Homozygoot betekent dat iemand twee verschillende genen heeft voor een eigenschap, heterozygoot betekent dat iemand twee dezelfde genen heeft voor een eigenschap

c)

Homozygoot betekent dat iemand twee dezelfde genen heeft voor een eigenschap, en heterozygoot betekent dat iemand twee verschillende genen heeft voor een eigenschap

9.

Een dominant gen komt alleen tot uiting als deze in combinatie is met een recessief gen

a)

Waar

b)

Niet waar

10.

Soms is het onderscheid tussen een dominant gen en een recessief gen niet duidelijk. Beide genen zijn dan niet recessief, de genen zijn even sterk. Hoe noem je dit?

a)

Intermediair fenotype

b)

Heterozygoot

c)

Recessief

d)

Homozygoot dominant

11.

Hoe geef je in een kruising een organisme aan die heterozygoot is voor een bepaalde eigenschap?

a)

AA

b)

Aa

c)

aa

12.

In een stamboom worden er twee symbolen gebruikt. Een rondje en een vierkantje. Wat geef je aan met een rondje? En wat geef je aan met een vierkantje?

a)

Met een rondje geef je de man aan, met een vierkantje de vrouw

b)

Met een rondje geef je de vrouw aan, met een vierkantje de man

c)

Je gebruikt in een stamboom alleen vierkantjes

d)

Je gebruikt in een stamboom alleen rondjes

13.

Op de afbeelding zie je een karyogram. Je kan uit een karyogram aflezen of een persoon een man of een vrouw is. Is de persoon van de karyogram een man of een vrouw?

a)

Een vrouw, want het 23e paar geeft XY aan

b)

Een man, want het 23e paar geeft XY aan

c)

Een man, want het 23e paar geeft XX aan

d)

Een vrouw, want het 23e paar geeft XX aan