wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Hoofdstuk 4 - Straf

Total questions: 12

Worksheet time: 21mins

Name
Class
Date
1.

Dit hoofdstuk gaat over straf. Een vraag die voorbij komt is bijvoorbeeld: waarom straffen we? Maar ook: kan er een wereld zonder straf bestaan?


Wat is het tegenovergestelde van straf? (Kies het juiste antwoord)

a)

boete doen

b)

corrigeren

c)

executie

d)

beloning

2.

Vroeger werden leerlingen anders gestraft dan nu. Ook de doodstraf bestaat niet meer in Nederland. Kennelijk zijn straffen onderhevig aan de tijd. Daarmee wordt bedoeld: straffen moeten passen bij de tijd waarin ze worden toegepast.

In Friesland mocht men rond 300 na Christus zelf het vonnis voltrekken. Dus zelf de straf uitvoeren. Zou dit nu nog steeds mogelijk zijn?

a)

Ja, dat zou juist goed zijn

b)

Nee, dat zou heel vreemd zijn

c)

Ja, hierdoor voel je je opgelucht

d)

Nee, hier zijn speciale instellingen voor

3.

Sommige straffen van vroeger kennen wij nu nog maar dan in een andere vorm. Bijvoorbeeld: verbanning. Vroeger werd je hierbij gebrandmerkt en daarna de stad uitgezet. Nu is dit ook nog een straf op school. Namelijk als je... (kies het juiste antwoord)

a)

moet nablijven

b)

eruit gestuurd wordt

c)

je telefoon in moet leveren

d)

het schoolplein op moet ruimen

4.

Zo zijn er meer straffen die je nu nog steeds op school of in de sport tegenkomt. Wat is een voorbeeld van een werkstraf? (meerdere antwoorden zijn juist)

a)

Het schoolplein vegen

b)

nablijven

c)

eruit gestuurd worden

d)

kauwgom onder tafels vandaan krabben

5.

Een ander voorbeeld hiervan is een vrijheidsstraf. Op school kun je dit vergelijken met: (kies het juiste antwoord)

a)

Eruit gestuurd worden

b)

Het schoolplein opruimen

c)

Nablijven

d)

Telefoon moeten inleveren

6.

Verbanning kun je dus op school vergelijken met eruit gestuurd worden. In de sport kan dit ook voorkomen, een voorbeeld hiervan is: (kies het juiste antwoord)

a)

Een strafcorner krijgen

b)

Een gele kaart krijgen

c)

Een tijdsstraf krijgen

d)

Een rode kaart krijgen

7.

Bij een vermogensstraf moet je bijvoorbeeld crimineel verkregen geld terugbetalen van de rechter. Maar ook een boete betalen is hiervan een voorbeeld. Thuis en op school zou je dit kunnen vergelijken met: (meerdere antwoorden zijn goed)

a)

Strafregels schrijven

b)

Je telefoon inleveren

c)

Een week geen zakgeld

d)

niet naar buiten mogen

8.

In de middeleeuwen moest een straf afschrikwekkend werken voor andere mensen. Daarom werd de straf uitgevoerd in het openbaar. Soms was dit een lijfstraf, maar dit kon ook de doodstraf zijn. Wat is een voorbeeld van een openbare straf op school? (kies het juiste antwoord)

a)

Nablijven, alleen in een lokaal

b)

Strafregels schrijven

c)

Het schoolplein vegen

d)

Je ouders worden ingelicht

9.

Straf moet ook in verhouding staan tot de daad. Dat wil zeggen, een straf moet passen bij de overtreding. Je kunt dus niet iemand die een brood steelt de doodstraf geven (al zijn er helaas nog steeds landen waar dit gebeurt).

Met een moeilijk woord noem je dit het proportionaliteitsbeginsel.

Welke straf past níet bij de overtreding? (kies het juiste antwoord)

a)

Iemand schorsen omdat hij een vechtpartij begint

b)

Je telefoon inleveren omdat je stiekem appte tijdens de les

c)

Kauwgom krabben omdat je kauwgom zat te kauwen tijdens de les

d)

Uitsluiting van de examens omdat je een gestolen verslag hebt ingeleverd.

e)

Omdat je er voor de eerste keer uit bent gestuurd moet je nablijven en worden je ouders uitgenodigd op school voor een gesprek met de directeur en jouw mentor

10.

Wat is een gepaste straf voor iemand die de werk- en studiesfeer in de klas verpest? (Kies het antwoord wat bij jou past)

a)

Die moet van school gestuurd worden

b)

Die moet naar een andere klas gestuurd worden

c)

Die moet nablijven totdat het gedrag van deze persoon verandert

d)

Niets, het zal ook met de rest van de klas te maken hebben

11.

In Nederland vinden we dat lange gevangenisstraffen de kans vermindert dat de gevangene zijn leven weer kan oppakken en deel kan nemen aan de maatschappij.

Dus de kans dat iemand nadat hij uit de gevangenis komt weer gaat werken en geen misdaad meer pleegt is groter als de straffen laag zijn.

In andere landen (bijvoorbeeld Amerika) denkt men daar anders over.

Wat vind jij?

a)

In Nederland zijn de straffen van de rechtbank veel te laag

b)

Gevangenisstraf is onzin. Hierdoor worden mensen alleen maar crimineler.

c)

We zouden in Nederland ook de doodstraf weer in moeten voeren

d)

Als je mensen niet straft maar leert om het in de toekomst anders aan te pakken heb je geen gevangenissen nodig

12.

Als je niet toerekeningsvatbaar bent betekent dit dat je vaak niet veroordeeld wordt tot een gevangenisstraf. Wel kan de rechter een andere passende straf opleggen. In de klas gaan we kijken naar een filmpje als voorbeeld van iemand die niet ontoerekeningsvatbaar blijkt.

Opdracht 27 in je werkboek op blz. 77 gaat hier over het opleggen van een passende straf door de rechter.

Wat voor straf krijg je in Nederland vaak als je bijvoorbeeld een moord hebt gepleegd, maar niet toerekeningsvatbaar blijkt te zijn? (kies het juiste antwoord)

a)

Gevangenisstraf

b)

TBS (Ter Beschikking Stelling)

c)

Eenzame opsluiting in een psychiatrische inrichting

d)

Je wordt verbannen