wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Nask VWO 1 Thema 4 Lucht B2

Total questions: 10

Worksheet time: 10mins

Name
Class
Date
1.

0,1 Bar is gelijk aan

a)

1.000 Pa

b)

10.000 Pa

c)

100.000 Pa

d)

1000.000 Pa

2.

Met wat voor meter kun je de luchtdruk meten?

a)

Manometer

b)

Barometer

c)

Micrometer

d)

Anemometer

3.

1000 Pa is gelijk aan

a)

1000 N/m2

b)

1 N/m2

c)

10 kN/m2

4.

De eenheid van druk is

a)

Pa

b)

ºC

c)

Liter/m2

d)

Newton

5.

1 mbar =

a)

1 Pa

b)

10 Pa

c)

100 Pa

d)

1000 Pa

6.

We gaan in een luchtballon om hoog en meten de luchtdruk, we zien dan de de druk

a)

stijgt

b)

gelijk blijft

c)

daalt

d)

0 mbar is omdat we met de lucht omhoog gaan

7.

De luchtdruk op de barometer staat op 1040 mbar

a)

er is veel druk dus gaat het stormen en regenen

b)

door de druk vormen zich waterkristallen en gaat het dus sneeuwen of hagellen

c)

de druk is niet van belang voor het weer, alleen de wind en regen.

d)

het is mooi en zonnig weer

8.

Een luchtdruk van 970 hPa is ...

a)

Extreem laag.

b)

Iets onder het gemiddelde.

c)

Iets boven het gemiddelde.

d)

Extreem hoog.

9.

Als je een zuignap tegen de muur duwt, is de druk onder de zuignap ... de luchtdruk.

a)

groter dan

b)

kleiner dan

c)

gelijk aan

10.

De druk van de lucht in je longen is gemiddeld ... de atmosferische druk.

a)

groter dan

b)

even groot als

c)

kleiner dan