Wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Spelling & grammatica 2GT2

Total questions: 15

Worksheet time: 7mins

Name
Class
Date
1.
  1. Wat is het juiste verwijswoord?


Naast mij stond een vrouw. Ze had een kuiken bij zich.

a)

ze verwijst naar kuiken

b)

een kuiken verwijst naar ze

c)

ze verwijst naar een vrouw

d)

zich verwijst naar de vrouw

2.
  1. Noteer het juiste verwijswoord.


Op dat moment kwam er een bus aan. Die stopte met piepende remmen.

a)

die verwijst naar een bus

b)

op verwijst naar een bus

c)

die verwijst naar piepende remmen

d)

op verwijst naar piepende remmen

3.

Kies het verwijswoord dat op de ...........past


het afscheid vond plaats in de hal. .............was het heel erg vol

a)

dat

b)

daar

c)

soms

d)

dit

4.

Plotseling stapte de man naar voren. Maar gelukkig pakte ik.......meteen vast.

a)

hem

b)

de man

c)

het

d)

de haren

5.
Wat is/zijn de verwijswoorden?
De bakker heeft aan hun het brood gegeven.
a)
bakker
b)
hun
c)
het
6.
Kies het juiste verwijswoord:
Mijn geodriehoek is gebroken. Mag ik dat/die van jou even lenen?
a)
die
b)
dat
7.

In welke zin staat een hulpwerkwoord?

a)

Een koala heeft de rit overleefd.

b)

Ze had een verbrande huid.

c)

We zijn volgende week jarig.

d)

Jij slaagt vast voor je eindexamen.

8.

Welk rijtje bestaat uit alleen maar hulpwerkwoorden?

a)

zijn, hebben, zullen, sporten

b)

moeten, mogen, hangen, hebben

c)

hebben, zijn, mogen, kunnen

d)

hebben, mogen, springen

9.

Wat is het voltooid deelwoord in de volgende zin:

Hij heeft de voordeur voor me geopend.

a)

heeft

b)

heeft geopend

c)

de voordeur

d)

geopend

10.

Waar in de zin vind je het voltooid deelwoord meestal?

a)

vooraan

b)

achteraan

c)

dat is altijd anders

11.

Wat is de juiste betekenis van 'ontduiken'?

a)

de schreeuw

b)

iemand die toezicht houdt

c)

zo neerleggen dat iedereen alles kan zien

d)

ergens onderuit proberen te komen

12.

Wat is de juiste betekenis van 'de poule'?

a)

de schreeuw

b)

groep sporters die tegen elkaar spelen in een toernooi

c)

ergens onderuit proberen te komen

d)

iemand die toezicht houdt

13.

Wat is de juiste betekenis van 'het faillissement'?

a)

het opsluiten van mensen

b)

het werk dat je doet

c)

het gevolg van iets

d)

als je je schulden niet meer kunt betalen

14.

In welke zin is de uitdrukking 'als een paal boven water staan' goed gebruikt?

a)

Het coronavirus staat als een paal boven water.

b)

De maatregelen tegen het coronavirus zijn streng, dat staat als een paal boven water.

c)

De paal komt boven het water uit, hij staat dus als een paal boven water.

15.

Wat is de betekenis van 'consequentie'?

a)

dat is heel duidelijk

b)

zo kun je verschijnen

c)

de richting van je schip/auto

d)

het gevolg van iets