wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Coronavirus NT2 niveau A1

Total questions: 20

Worksheet time: 10mins

Name
Class
Date
1.

Het aantal mensen met corona betekent

a)

hoeveel mensen er zijn met corona

b)

hoeveel mensen er zijn zonder corona

2.

stijgen

a)

toenemen (meer en meer)

b)

verminderen= dalen= minder en minder

3.

besmet zijn met een virus

a)

je hebt de virus gekregen

b)

je hebt de virus niet gekregen

4.

een virus oplopen

a)

een virus krijgen

b)

een virus niet hebben

5.

voorzichtig zijn

a)

être prudent

b)

pas être prudent

6.

een geval

a)

un cas

b)

quelqu'un qui est tombé

7.

het slachtoffer

a)

un sacrifice

b)

un mort

c)

une victime

8.

sterven (> stierf/ stierven > gestorven) en français

a)

mourir

b)

décéder

9.

de doden

a)

les meurtriers

b)

les morts

10.

genezen

a)

beter worden

b)

nog ziek blijven

11.

de plaats waar verpleegsters zieke mensen verzorgen

a)

de ziekenwagen

b)

het ziekenhuis

c)

de kliniek

12.

de grens oversteken (stak/ staken - overgestoken)

a)

naar de andere kant van de grens gaan

b)

tot aan de grens gaan

c)

naar de grens gaan

d)

op de grens wandelen

13.

een toestand niet aankunnen

a)

een situatie een klein beetje moeilijk vinden

b)

zijn plan trekken in een situatie

c)

een situatie gemakkelijk vinden

d)

zijn plan niet kunnen trekken in een situatie

14.

de wegen afzetten

a)

de wegen openen

b)

de wegen blokkeren

15.

naar huis mogen

a)

toestemming hebben om in het ziekenhuis te blijven

b)

toestemming hebben om naar huis te gaan

16.

faire son lit

a)

je bed doen

b)

in je bed doen

c)

je bed maken

d)

op je bed maken

17.

strenge regels

a)

strikte regels

b)

geen strikte regels

18.

in de kliniek liggen

a)

in het ziekenhuis zijn

b)

in de kliniek staan

19.

3400 mensen met corona tellen

a)

3400 mensen gaan dood aan corona

b)

3400 mensen zijn ziek door de coronavrius

20.

bedden bij maken

a)

extra bedden creëren

b)

extra bedden herstellen (repareren)