wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Zuid Amerika Hoofdstuk 3, 4 en 5

Total questions: 45

Worksheet time: 24mins

Name
Class
Date
1.

De Mercosur is opgericht als tegenhanger van NAFTA, waarom?

a)

De Zuid-Amerikaanse landen wilden een blok vormen tegen Afrika

b)

De Zuid-Amerikaanse landen wilden de invloed van de VS beperken

c)

De Zuid-Amerikaanse landen wilden de invloed van Brazilië beperken

d)

De NAFTA probeerde Zuid-Amerikaanse landen in te lijven

2.

Brazilië is het belangrijkste exportland van het continent

a)

Waar

b)

Niet waar

3.

Wat is een zwak punt van de Mercosur?

a)

De handel is niet gecentraliseerd

b)

Over goederen wordt nog steeds importheffing betaald

c)

De interne markt is veel te klein, de afhankelijkheid van andere landen des te groter

d)

De grote landen Brazilië en Argentinië zitten in een economische crisis

4.

Het bewerken van en toevoegen van waarde aan goederen die voor uitvoer bestemd zijn, noemen we?

a)

Integratieassen

b)

Goederenuitvoer

c)

Handelsassociatie

d)

Exportvalorisatie

5.

Waarom is blokvorming en handel binnen Zuid-Amerika relatief gemakkelijk?

a)

De taal en cultuur zijn veelal hetzelfde

b)

De regeringsleiders kunnen het goed met elkaar vinden

c)

Er zijn maar weinig landen in Zuid-Amerika

6.

Welke moeilijkheden komen de landen in Zuid-Amerika tegen als het gaat over transport van goederen tussen landen?

a)

Sommige landen hebben een socialistisch regime

b)

Het regenwoud en de Andes vormen grote natuurlijke obstakels

c)

De integratieassen werken niet optimaal

7.

Hoe dragen integratieassen bij aan het verdwijnen van het regenwoud? (meerdere antwoorden mogelijk)

a)

Verbindingen zorgen voor meer bevolking langs de route

b)

Wegen worden ook gebruikt door (illegale) mijn- en bosbouwbedrijven

c)

Voor de aanleg van wegen en spoorlijnen moet ook bos gekapt worden

8.

De inheemse bevolking van de Amazone wordt bedreigd door:

a)

Landgrabbing

b)

Zware regenval

c)

El Nino

d)

De Transamazonica

9.

Door de grote economische afhankelijkheid van de wereldmarkt, hebben Zuid-Amerikaanse landen moeite om hun binnenlandse sociale programma's draaiende te houden

a)

Waar

b)

Niet waar

10.

Brazilië hoort bij de BRICS landen, welke landen horen hier nog meer bij?

a)

Rusland, Indonesië, China, Suriname

b)

Rwanda, India, China, Spanje

c)

Rusland, India, China, Zuid-Afrika

d)

Rusland, Indonesië, China, Suriname

11.

De handelsbalans van Brazilië met China is positief. Waar komt dit door?

a)

China gebruikt veel soja voor de veeteelt

b)

China exporteert veel naar Brazilië

c)

Brazilië heeft veel grondstoffen uit China nodig

12.

Het exportpakket van Suriname is heel divers

a)

Waar

b)

Niet waar

13.

Veel Zuid- Amerikaanse landen hebben een heel eenzijdig exportpakket

a)

Waar

b)

Niet waar

14.

Door het eenzijdigde exportpakket van veel landen in Zuid-Amerika bestaat het importpakket uit:

a)

Voedsel en halffabrikaten

b)

Grondstoffen en landbouwproducten

c)

Elektrische apparaten en grondstoffen

d)

Technisch hoogwaardige goederen

15.

Welk effect heeft superfood Quinoa op de beschikbaarheid van voedsel in de Andes?

a)

Iedereen eet daar nu supergezond

b)

Quinoa is niet meer te betalen voor de lokale bevolking, waardoor hun gezondheid achteruit gaat

c)

De arme bevolking moet de quinoa ergens anders vandaan gaan halen

16.

Door toerisme en mobiel internet verandert in veel afgelegen gemeenschappen de cultuur ingrijpend

a)

Waar

b)

Niet waar

17.

Brazilie, Chili en Peru exporteren veel delfstoffen over de wereld, waarom is dit een risico?

a)

De economie wordt er niet beter van

b)

De economie wordt heel erg afhankelijk van de grondstofprijzen

c)

Andere landen kunnen te veel concurrentie geven op de wereldmarkt

d)

Er is geen risico, de prijzen voor delfstoffen blijven altijd hoog

18.

Het mijnen van Lithium op Salar de Uyuni in Bolivia is gedeeltelijk in handen van (vooral) Chinese bedrijven. Dit is gunstig voor de Boliviaanse bevolking

a)

Waar

b)

Niet waar

19.

Het mijnen van delfstoffen in Chili is goed voor de economie, maar heeft ook negatieve gevolgen. Welke?

a)

Ontbossing

b)

Vervuiling

c)

Onttrekken van water uit de bodem

d)

Sociale onrust

20.

Steden als Manaus en Brasilia zijn in Brazilië gesticht om de bevolking beter over het land te kunnen verspreiden

a)

Waar

b)

Niet waar

21.

Wat zijn de voornaamste redenen om te ontbossen in de Amazone?

a)

Houtkap, aanwezigheid delfstoffen, landbouwgrond

b)

Aanwezigheid delfstoffen, landbouwgrond, wegjagen indianenstammen

c)

Landbouwgrond, aanwezigheid delfstoffen, verdelen bevolking

22.

Waarom is het regenwoud eigenlijk helemaal geen goede plek voor landbouw?

a)

Het regent er te veel en te vaak

b)

De bodem is erg onvruchtbaar

c)

Het kost veel geld om eerst een stuk bos weg te halen voor je akkers

d)

De eigendomssituatie van de stukken grond is niet duidelijk

23.

Welke invloed hebben stuwdammen op het sediment in de Amazone?

a)

Er is meer sediment, het water stroomt harder

b)

Er is minder sediment, het sediment kan nergens neerslaan

c)

Er is minder sediment, de stuwdammen houden dit tegen

d)

Er is meer sediment, het water kan niet zo hard meer stromen

24.

Welke van de volgende negatieve gevolgen van stuwdammen zijn juist?


1 Inheemse bevolking verliest leefgebied

2 Oerwoud komt onder water te staan

3 Er kan schone energie opgewekt worden

4 stuwdammen zijn niet duur

5 Transport over de rivier wordt vrijwel onmogelijk

a)

Gevolg 1, 2, 4

b)

Gevolg 2, 4, 5

c)

Gevolg 1, 2, 3, 5

d)

Gevolg 1, 2, 5

25.

Stelling 1: Ontbossing van het Amazonewoud tast de draagkracht van de natuur aan

Stelling 2: Wortels van bomen en planten dragen bij aan landdegradatie

a)

1 is juist

b)

2 is juist

c)

1 en 2 zijn juist

d)

Beiden zijn onjuist

26.

Welke rol speelt ontbossing in de waterbalans van het tropisch regenwoud?

a)

Door ontbossing kan het water makkelijker afgevoerd worden

b)

Door ontbossing vindt landdegradatie plaats

c)

Door ontbossing raakt de waterkringloop verstoord

27.

Welke rol speelt het huidige beleid van president Bolsonaro in het tropisch regenwoud?

a)

Er wordt meer ontbost, economische vooruitgang gaat voor alles

b)

Er wordt minder ontbost, de indianen moeten beschermd worden

c)

Er is niets veranderd

28.

Wat is een lahar?

a)

Een rotsformatie die je vooral in de Andes tegenkomt

b)

Een modderstroom die ontstaat door een met ijs bedekte vulkaan

c)

Een wind die alleen in de zomer waait over het deel van Zuid-Amerika dat ten noorden van de evenaar ligt

29.

Aardverschuivingen komen veel voor in de Andes-landen maar ook in grote steden komen ze vooral voor in de favelas. Hoe komt dit?

a)

De armen kappen veel bomen om hun geïmproviseerde huisjes te bouwen

b)

De berghellingen zijn de enige plekken in de stad waar de armen hun geïmproviseerde huisjes kunnen bouwen

c)

De geïmproviseerde huisjes van de armen storten snel in

30.

Welke zin is juist?

1 Aardverschuivingen kunnen veroorzaakt worden door vulkaanuitbarstingen

2 Ontbossing gaat aardverschuivingen tegen

3 Als de grond op een helling heel droog wordt, is de kans op een aardverschuiving steeds groter

a)

1

b)

2

c)

3

d)

1, 3

e)

1, 2

31.

Tijdens een el Nino periode is het aan de kust van Chili extra droog

a)

Waar

b)

Niet waar

32.

1 Hazard management is makkelijker in een welvarend land

2 Het welvarende deel van de bevolking heeft vaak een lage risicoperceptie

a)

Stelling 1 is waar

b)

Stelling 2 is waar

c)

Beide stellingen zijn waar

d)

Beide stellingen zijn niet waar

33.

Hoeveel inwoners moet een megastad minimaal hebben?

a)

Meer dan 1 miljoen

b)

Meer dan 5 miljoen

c)

Meer dan 10 miljoen

d)

Meer dan 15 miljoen

34.

De favela's noemen we ook wel de informele stad, waarom?

a)

Ze liggen buiten de stadsgrenzen

b)

De bewoners komen uit andere regio's

c)

De woningen zijn meestal illegaal gebouwd

35.

Evo Morales kwam als president van Bolivia op voor de inheemse culturen, waarom was dit een breuk met het verleden?

a)

Morales probeerde zo stemmen te winnen bij de inheemse bevolking

b)

Alle andere presidenten in binnen en buitenland hebben de inheemse bevolking altijd onderdrukt

c)

Morales probeerde zo zijn eigen corrupte regering buiten beeld te houden

36.

Welke volken leefden al in Midden- en Zuid-Amerika voordat de Europeanen daar aankwamen?

a)

Azteken

b)

Inca's

c)

Maya's

d)

Gringo's

e)

Mestizo's

37.

Waarom is het logisch dat juist in Bolivia een president werd gekozen van inheemse komaf?

a)

De Boliviaanse bevolking is zeer arm

b)

De Boliviaanse bevolking bestaat voor een groot deel uit inheemse volkeren

c)

De Europese kolonisten hebben de inheemse bevolking grotendeels omgebracht

38.

Het indigenismo houdt in dat er meer aandacht is voor de inheemse culturen

a)

Waar

b)

Niet waar

39.

Door de vondst van goud in Suriname is regionale autonomie voor de Marrons nog belangrijker geworden. Waarom?

a)

De Marrons willen zelf aanspraak maken op de gronden waar de goudvondsten zijn gedaan

b)

De Marrons komen niet aan het werk in de goudmijnen

c)

De Marrons zijn al eigenaar van de gronden en willen deze gaan exploiteren

40.

De recente vondst van aardolie (2019-2020) voor de kust van Suriname kan een enorme economische boost aan het land geven. Leg uit waarom dat zo is.

4 lines
41.

1 Aymara en Quechua zijn inheemse talen in Suriname

2 Het grootste gedeelte van de mestiezen in Peru woont in het regenwoud

a)

1 is juist

b)

2 is juist

c)

Beiden zijn juist

d)

Beiden zijn onjuist

42.

Bij assimilatie van een bevolkingsgroep blijft hun eigen identiteit bewaard

a)

Waar

b)

Niet waar

43.

Bij integratie van een bevolkingsgroep blijft hun eigen identiteit bestaan

a)

Waar

b)

Niet waar

44.

De bouw van de Inambaridam is in 2014 nieuw leven in geblazen, ondanks protesten van de inheemse bevolking. Waar is dit een voorbeeld van?

a)

Territoriaal conflict

b)

Machtspolitiek

c)

Decentralisatie

d)

Discriminatie

45.

De economische groei van Suriname is vooral afhankelijk van de ontwikkeling in andere gebieden. Waarom?

a)

Als de vraag naar delfstoffen toeneemt/stijgt, is dat goed voor de Surinaamse economie, die daar volledig van afhankelijk is

b)

Suriname kan dan veel diensten leveren aan andere landen

c)

Suriname heeft dan gelegenheid om te investeren in de eigen infrastructuur