wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Anatomie van het oog

Total questions: 24

Worksheet time: 1hrs 12mins

Name
Class
Date
1.

Wat is de juiste volgorde van de lagen van de cornea. Begin bij de buitenste laag.

a)

Stroma – epitheel – membraan van Bowman – Membraan van Descemet – endotheel

b)

Membraan van Bowman – epitheel – stroma – membraan van Descemet – endotheel

c)

Endotheel – membraan van Bowman – Membraan van Descemet – stroma – epitheel

d)

Epitheel – membraan van Bowman – stroma – membraan van Descemet – endotheel

2.

Welk onderdeel hoort NIET bij de uvea?

a)

Iris

b)

Retina

c)

Corpus ciliairis

d)

Choroidea

3.

Wat is de ora serrata?

a)

De overgang tussen de conjunctiva en de iris.

b)

De overgang tussen het netvlies en het corpus ciliaris.

c)

De overgang tussen de fovea centralis en de retina.

d)

De overgang tussen de fovea centralis en de retina.

4.

Welke symptomen doen zich voor bij uitval van de nervus trochlearis?

a)

Dubbelbeelden

b)

Wazig zien

c)

Visus daling

d)

Scotoom

5.

Op welke plaats in de oogbol bevindt zich het trabeculum?

a)

In de achterste oogkamer.

b)

Tussen de overgang van het netvlies naar de accommodatiespier.

c)

In het ooglid.

d)

In de kamerhoek.

6.

Wat gebeurt er wanneer de weg van het kamerwater wordt geblokkeerd?

a)

Het oog gaat tranen.

b)

Het oog ontploft.

c)

Er ontstaat staar (cataract).

d)

Dan neemt de druk in de voorste oogkamer toe.

7.

Wat gebeurt in het chiasma?

a)

De nasale vezels van de rechter-, en linker oogzenuw kruizen elkaar.

b)

De nasale vezels van de rechter-, en linker oogzenuw lopen parallel aan elkaar.

c)

De temporale vezels van de rechter- en linker oogzenuw kruizen elkaar.

d)

De temporale vezels van de rechter-, en linker oogzenuw lopen parallel aan elkaar.

8.

In welke volgorde passeert het licht de onderdelen van het oog, voordat het op het netvlies valt?

a)

Hoornvlies – ooglens – voorste oogkamer – glasachtig lichaam

b)

Hoornvlies – glasachtig lichaam – ooglens – voorste oogkamer

c)

Hoornvlies – voorste oogkamer – ooglens – glasachtig lichaam

d)

Hoornvlies – ooglens – glasachtig lichaam – voorste oogkamer

9.

Wat wordt er uitgescheiden door de kliertjes van Meibom?

a)

Vet

b)

Lipiden

c)

Water

d)

Muscine

10.

Wat wordt verstaan onder inwendige accommodatie?

a)

Het aanspannen van de accommodatiespier.

b)

Het boller worden van de ooglens.

c)

Het langer worden van de oogbol.

d)

Het veranderen van de brekingsindex van de ooglens.

11.

Welke invloed oefent het parasympatisch zenuwstelsel uit op de pupil en accommodatiespier?

a)

De pupil wordt kleiner, de accommodatiespier ontspant.

b)

De pupil wordt groter, de accommodatiespier spant aan.

c)

De pupil wordt kleiner, de accommodatiespier spant aan.

d)

De pupil wordt groter, de accommodatiespier ontspant.

12.

Prikkels afkomstig van de nasale zijde van het netvlies van het rechteroog gaan naar …

a)

De linker hersenhelft

b)

De rechter hersenhelft

c)

Beide hersenhelften

d)

De middelste hersenhelft

13.

Door welke hersenzenuw wordt de binnenste rechte oogspier aangestuurd?

a)

NIII

b)

NIV

c)

NV

d)

NVI

14.

Waarvoor dient het kanaal van Schlemm?

a)

Voor het aanmaken van kamerwater.

b)

Voor het afvoer van kamerwater.

c)

Voor de afvoer van traanvocht.

d)

Voor het aanmaken van traanvocht.

15.

Op welke plaats zit het wiggenbeen?

a)

Op de neusbrug

b)

Bij het kaakbeen

c)

Bij het slaapbeen

d)

Naast het rotsbeen

16.

Wat is de Latijnse benaming voor de gele vlek?

a)

Macula

b)

Retina

c)

Conjunctiva

d)

Papil

17.

Wie heeft de meeste kans op een snelle achteruitgang met uveïtis?

a)

Iemand van middelbare leeftijd.

b)

Iemand met hart-, en vaatziekte.

c)

Vrouwen.

d)

Mensen die dichterbij de evenaar woont.

18.

Bij welke aandoening horen de volgende symptomen: visusdaling, centraal scotoom, lijntjespapier ziet er kronkelig uit.

a)

Macula degeneratie

b)

Retinitis pigmentosa

c)

Glaucoom

d)

Diabetes retinopathie

19.

Wat is geen laag van de ooglens?

a)

Corona

b)

Nucleus

c)

Cortex

d)

Lenskapsel

20.

Wat is de functie van de klieren van Meibom?

a)

Zorgt ervoor dat de traanlaag goed aan het hoornvlies hecht.

b)

Zorgt voor een olieachtige laag op de traanfilm

c)

Zorgt ervoor dat de wimperhaartjes vettig blijven.

d)

Zorgt voor een desinfecterende laag op de traanfilm.

21.

Wat is GEEN kenmerk van het syndroom van Horner?

a)

Grote pupil

b)

Hangend ooglid

c)

Kleine pupil

d)

Huid rond het oog is droog

22.

Wat is de Latijnse benaming voor de bovenste rechte oogspier?

a)

Musculus rectus inferior

b)

Musculus rectus lateralis

c)

Musculus rectus medialis

d)

Musculus rectus superior

23.

Wat is de functie van het pigmentepitheel in het netvlies?

a)

Absorberen van licht en stofwisseling in de receptoren.

b)

Kleur geven aan het regenboogvlies.

c)

Het vermogen om kleuren te zien.

d)

Zorgt voor de voeding van het netvlies.

24.

Wat is de functie van de kappenbril?

a)

Zorgt ervoor dat het oog minder snel droog wordt.

b)

Zorgt ervoor dat er geen vuil in het oog kan komen.

c)

Zorgt ervoor dat er geen zonlicht aan de zijkant van de bril kan invallen.