wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Project EHBO: inleiding

Total questions: 13

Worksheet time: 26mins

Name
Class
Date
1.

Waarvoor staan de letters EHBO?

a)

Eerste hulp bij opvoedkundige problemen

b)

Eerste hulp bij ongevallen

c)

Eerste hulp bij sportongevallen

2.

Je fietst naar school en je ziet aan een kruispunt een ongeval gebeuren waarbij een fietser omver gereden wordt door een automobilist. Wat doe je?

a)

Je fietst snel naar school om hulp te halen.

b)

Je laat je fiets vallen en je rent naar de fietser die op de grond ligt om hem/haar te helpen.

c)

Je belt de 112 en legt uit wat er gebeurd is en waar je bent.

d)

Je controleert of de situatie veilig is vooraleer je naar de fietser toe loopt om te helpen.

3.

Tijdens het voetballen op de speelplaats ben je gevallen waardoor je een schaafwond op je knie hebt. Om infectie te voorkomen is het belangrijk dat de wonde onmiddellijk afgedekt wordt.

a)

Waar

b)

Niet waar, je moet de wonde eerst ontsmetten.

4.

Bij een bloedneus is het belangrijk dat je blijft snuiten tot de bloeding stopt.

a)

Waar

b)

Niet waar

5.

Tijdens het joggen heb je je enkel verstuikt. Wat doe je?

a)

Je legt ijs of je koelt het letsel met koud water.

b)

Je smeert zalf om de zwelling tegen te gaan.

c)

Je neemt onmiddellijk een pijnstiller in, dan verdwijnt de pijn snel.

6.

Bij een derdegraads brandwonde ziet de huid zwart en heb je enorm veel pijn.

a)

Waar

b)

Niet waar

7.

Bij brandwonden koel je de wonde minstens:

a)

5 minuten

b)

10 minuten

c)

15 minuten

8.

Je fietst met een vriend langs het kanaal en ziet iemand in het water liggen. Wat doen jullie?

a)

Jullie springen onmiddellijk in het water om te helpen.

b)

Jullie fietsen verder naar het dichtstbijzijnde huis om hulp te halen.

c)

Iemand gaat hulp halen en iemand springt onmiddellijk in het water.

d)

Je gaat alleen in het water als er echt geen hulpmiddelen voorhanden zijn. De andere persoon belt de 112.

9.

Tijdens het eten verslikt iemand zich in een stukje vlees. Wat doe je?

a)

Je vraagt de persoon te slikken en het vlees uit de mond te halen.

b)

Je wisselt slagen op de rug en buikstoten af tot de luchtweg vrij is.

c)

Je probeert het stuk vlees zelf te verwijderen.

10.

Bij de reanimatie zijn borstcompressies belangrijker dan het beademen.

a)

Waar

b)

Niet waar

11.

De letters in de afkorting AED staan voor:

a)

Ademen en drukken

b)

Automatische externe defibrillator

c)

Ademen en defibrilleren

12.

Er is meer kans op overleving van een slachtoffer van een hartstilstand met een AED – toestel dan zonder.

a)

Waar

b)

Niet waar

13.

Waarvoor staan de letters RICE in de rice- methode?

a)

Rust in cel voor koeling

b)

Rust, ijs, compressie en elevatie

c)

Rijst, ijsjes, chips enzoverder