wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

LS3U2App68

Total questions: 39

Worksheet time: 7mins

Name
Class
Date
1.
cet après-midi
a)
vanmorgen
b)
vanavond
c)
vanmiddag
2.
ça dépend
a)
minstens
b)
dat hangt ervan af
c)
mislukt
3.
le permis
a)
de vergunning
b)
het uitstapje
c)
de ontdekking
4.
au moins
a)
dat hangt ervan af
b)
mislukt
c)
minstens
5.
le dépliant
a)
de klacht
b)
de vergunning
c)
de folder
6.
ne … aucun(e)
a)
minstens
b)
geen enkel
c)
niemand
7.
montrer
a)
opmaken/ eindigen
b)
laten zien
c)
terugbrengen
8.
la carte d'identité
a)
het paspoort
b)
de creditcard
c)
het identiteitsbewijs
9.
laisser
a)
zwemmen
b)
betalen
c)
achterlaten / laten liggen
10.
aujourd'hui
a)
vandaag
b)
vanmorgen
c)
vanmiddag
11.
la caution
a)
de voorzichtigheid
b)
de vergunning
c)
de borgsom
12.
rapporter
a)
terugbrengen
b)
laten zien
c)
ondertekenen
13.
signer
a)
terugbrengen
b)
laten zien
c)
ondertekenen
14.
ne … pas non plus
a)
geen enkele
b)
ook niet
c)
niets
15.
nager
a)
betalen
b)
zwemmen
c)
laten
16.
le maillot de bain
a)
de badkamer
b)
het badpak
c)
de badmeester
17.
tout à l'heure
a)
straks
b)
op tijd
c)
te laat
18.
finir
a)
terugbrengen
b)
betalen
c)
opmaken / eindigen
19.
allons-y
a)
laten we gaan
b)
verlaten
c)
vertrekken
20.
oublier l'heure
a)
de tijd nemen
b)
de tijd vergeten
c)
de tijd verliezen
21.
la découverte
a)
de ontdekking
b)
de vergunning
c)
de folder
22.
la sortie
a)
de ingang
b)
het uitstapje
c)
de ontdekking
23.
la durée
a)
de duur
b)
de prijs
c)
de borgsom
24.
la demi-journée
a)
de mooie dag
b)
de halve dag
c)
de hele dag
25.
le débutant
a)
de deelnemer
b)
de debutant
c)
de routinier
26.
le groupe
a)
de vergunning
b)
de groep
c)
het uitstapje
27.
le participant
a)
de beginner
b)
het identiteitsbewijs
c)
de deelnemer
28.
compris
a)
inbegrepen
b)
straks
c)
hartelijke groet
29.
adresser une plainte à
a)
een brief posten naar
b)
een klacht sturen naar
c)
een blik richten op
30.
la plainte
a)
de klacht
b)
de borgsom
c)
de brief
31.
à l'heure
a)
te laat
b)
op tijd
c)
de tijd
32.
le moniteur, la monitrice
a)
de instructeur/ de instructrice
b)
de bewaker/ de bewaakster
c)
de eigenaar/ de eigenaresse
33.
en retard
a)
op tijd
b)
te laat
c)
minstens
34.
de plus
a)
meer
b)
minder
c)
vol
35.
avancé
a)
middelmatig
b)
gevorderd
c)
beginnend
36.
s'occuper de
a)
zich haasten
b)
zorgen voor
c)
de tijd vergeten
37.
raté
a)
verwend
b)
mislukt
c)
te laat
38.
le remboursement
a)
de duur
b)
de terugbetaling
c)
de ontdekking
39.
cordialement
a)
hartelijke groet
b)
hoogachtend
c)
verblijvend