wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

TvG Tijdvak 7.5 Slavernij in de 18e eeuw

Total questions: 20

Worksheet time: 9mins

Name
Class
Date
1.

Welk land speelde geen rol van betekenis in de slavenhandel?

a)

Republiek

b)

Engeland

c)

Portugal

d)

Duitsland

e)

Frankrijk

2.

Waarom kwam juist in de 18e eeuw de slavenhandel op?

a)

De tijd was er rijp voor

b)

De schepen waren groot genoeg om slaven te vervoeren en winst te maken

c)

Plantages vroegen om veel arbeidskrachten

d)

Europeanen keken altijd al neer op Afrikanen

3.

Hoe werd je in de 18e eeuw slaaf? (meer dan 1 goede reden)

a)

als krijgsgevangene werd je slaaf

b)

als je je schulden niet kon betalen

c)

als je gepakt werd door slavenjagers

d)

als er voor koos, net als prostituee's

4.

Juist of onjuist: de eerste slaven in Amerika waren Indianen

a)

onjuist

b)

juist

5.

De transatlantische driehoekshandel starte in...

a)

willekeurig Europa - Afrika - Amerika

b)

In Europa

c)

in Afrika

d)

in Amerika

6.

Welke van de volgende stelling is juist?

a)

Engelsen vervoerden de minste aantallen slaven

b)

Elmina was een slavenfort op de kust van Angola

c)

Elmina was een Nederlands slavenfort op de kust van Ghana

d)

Zeeuwen hielden zich in de Republiek het minst bezig met slavenhandel

7.

Wat waren de belangrijke plantage producten uit Amerika? (meer dan 1 mogelijkheid)

a)

suiker

b)

koffie

c)

specerijen

d)

katoen

8.

Naast suiker, koffie en katoen was er nog één belangrijk product van de plantages in Amerika, namelijk...

(a)  

9.

Stelling: Op de reis van Afrika naar Amerika kwamen Afrikanen geregeld in opstand, maar altijd zonder succes.

a)

juist

b)

onjuist

10.

Welke van de volgende stellingen over Elmina is juist?

a)

De WIC nam in 1621 het fort in op een Afrikaanse vorst

b)

De WIC veroverde het fort in 1637 op de Engelsen

c)

De WIC kocht het fort van de Fransen

d)

De WIC veroverde het fort op de Portugezen

11.

Stelling: Bij de Vrede van Breda werd vastgelegd dat de veroveringen bleven bestaan: New Amsterdam voor de Engelsen en Suriname voor de Republiek.

a)

onjuis

b)

juist

12.

Wie zaten er in Suriname in de blanke top van de samenleving?

a)

Eigenaren van de plantages

b)

directeuren op de plantages

c)

Mulatten

d)

Creolen

13.

Wie van de volgende groepen hadden geen Europese vader of moeder?

a)

Mulatten

b)

Creolen

c)

Indianen

d)

Marrons

14.

In Suriname werd het slavenverzet neergeslagen door de Nederlandse soldaten en vrijgelaten slaven. Dit legeronderdeel heet de ...

(a)  

15.

Welk begrip past niet bij de Britse plantagekoloniën?

a)

eilanden in de Caribische Zee

b)

Jamaica en Barbados

c)

suiker - katoen - tabak

d)

manumissie

e)

Royal African Company

16.

Over historische vaardigheden: Voor het onderzoeken van de betrouwbaarheid van een bron moet je letten op de auteur, tekst, tijd, uniek/generiek. Door deze criteria te analyseren geef een ... van de bron.

(a)  

17.

Welke van de volgende antwoorden heeft niet te maken met het meer of minder betrouwbaar zijn van bronnen?

a)

het belang van de schrijver

b)

afwezigheid van meningen

c)

achtergrond van de schrijver

d)

controleerbaarheid van feiten en meningen

18.

Welke motieven speelden een rol bij het abolitionisme? (meer dan 1 mogelijk)

a)

morele redenen: mensen mogen andere mensen niet uitbuiten

b)

economische redenen: zo veel mogelijk winst maken

c)

religieuze redenen: heb je naaste lief als jezelf

d)

politieke redenen: macht over Afrika en Amerika behouden

e)

juridische redenen: Engelse rechters spraken zich uit tegen slavenhandel

19.

Afschaffing van slavernij en slavenhandel ging in Engeland niet gelijktijdig. Hoe werkte dat?

a)

In Engeland eerst de handel en daarna de slavernij.

b)

In Engeland eerst de slavernij en daarna de handel

c)

In Engeland juist wel gelijktijdig, de stelling is onjuist

20.

Kruis aan welke zinnen juist zijn

a)

Het eerste succes voor de abolitionisten was een rechterlijke uitspraak in 1707

b)

In 1827 stelt Engeland slavenhandel gelijk aan piraterij, met de doodstraf als straf.

c)

Nederland schafte de slavernij af op 1 juli 1863, vlak na de Engelsen

d)

Op 1 juli wordt jaarlijks Keti Koti gevierd

e)

In de VS was er een burgeroorlog nodig om de slavernij afgeschaft te krijgen