WorksheetsCampus 1: Les 32: Letterlijk en figuurlijk taalgebruik
Total questions: 15
Worksheet time: 15mins
Duid de betekenis aan.
Je hebt lange vingers.
Je steelt vaak.
Je houdt van werken in de tuin.
Je wordt betrapt.
Je geeft toe.
Duid de betekenis aan.
Je maakt iemand blij met een dode mus
Je weet niet waar iets over gaat.
Je bent werkloos, je hebt geen onderdak.
Je maakt iemand blij met iets wat niet doorgaat.
Het gebeurt binnenkort.
Duid de betekenis aan.
Hij zit met de gebakken peren.
Hij heeft er geen verstand van. Hij weet het niet.
Hij zal niemand helpen.
Hij zit in een voordelige positie.
Hij moet de vervelende gevolgen ervaren.
Duid de betekenis aan.
Ze is de draad kwijt.
Ze weet niet waar iets over gaat.
Ze beschermt iemand.
Ze zit in een voordelige positie. Ze is blij.
Ze krijgt iets niet voor elkaar, ook al doet ze haar best.
Duid de betekenis aan.
Dat kun je wel op je buik schrijven.
Je steelt vaak.
Dat gaat niet door. Dat kun je wel vergeten.
Het gebeurt binnenkort. Het is zeer nabij.
Je helpt iemand niet.
Welke uitdrukking past bij de betekenis?
iemand laten wachten op een duidelijk antwoord
iemand in de kou laten staan
iemand aan het lijntje houden
iemand blij maken met een dode mus
Welke uitdrukking past bij de betekenis?
mislukken, verkeerd aflopen
lange vingers hebben
ergens geen kaas van hebben gegeten
de mist ingaan
water bij de wijn doen
Welke uitdrukking past bij de betekenis?
iets niet voor elkaar krijgen, ook al doe je nog zo je best
ergens zijn tanden op stukbijten
ergens geen kaas van hebben gegeten
de draad kwijt zijn
tegen de lamp lopen
Welke uitdrukking past bij de betekenis?
de vervelende gevolgen van iets ervaren
op rozen zitten
voor de deur staan
met de gebakken peren zitten
groene vingers hebben
Welke uitdrukking past bij de betekenis?
werkloos zijn, geen onderdak hebben
iemand in de kou laten staan
op straat staan
voor de deur staan
de mist ingaan
Is de gekleurde zin letterlijk of figuurlijk bedoeld?
De inbreker liep tegen de lamp en stootte zo zijn hoofd. Daarna had hij last van hoofdpijn.
letterlijk
figuurlijk
Is de gekleurde zin letterlijk of figuurlijk bedoeld?
Enkele klanten in het restaurant klagen over het lange wachten op hun gerecht. De ober doet water bij de wijn en geeft de klanten korting.
letterlijk
figuurlijk
Is de gekleurde zin letterlijk of figuurlijk bedoeld?
Ik bijt mijn tanden stuk op deze koek.
letterlijk
figuurlijk
Is de gekleurde zin letterlijk of figuurlijk bedoeld?
Die tatoeage kan ik wel op mijn buik schrijven na die ruzie met mijn mama.
letterlijk
figuurlijk
Is de gekleurde zin letterlijk of figuurlijk bedoeld?
Dat meisje heeft lange vingers: ze stal vijf artikelen in de supermarkt.
letterlijk
figuurlijk
