wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

TOETS FOUTLOOS UI - EU - EEUW - IEUW - UW

Total questions: 40

Worksheet time: 25mins

Name
Class
Date
1.

Wat zie je op deze afbeelding?

(a)  

2.

Wat zie je op deze afbeelding?

(a)  

3.

wat zie je op deze afbeelding?

(a)  

4.

Welk land zie je op deze afbeelding?

(a)  

5.

Vul in: de (a)   houdt van luide muziek

6.

Wat past samen?

a)

neus

b)

bruidegom

c)

reuk

d)

duister

7.

Wat past samen?

a)

bruid

b)

kruid

c)

bruidegom

d)

uiteindelijk

8.

Wat past samen?

a)

ten slotte

b)

Duitsland

c)

groenten

d)

uiteindelijk

9.

Wat past samen?

a)

kooplieden

b)

luid

c)

ruim

d)

stil

10.

Wist je dat de r______k het gevoeligste zintuig is van de mens?

a)

UI

b)

EU

11.

Wist je dat de saxofoon een Belgische _______tvinding is?

a)

UI

b)

EU

12.

Wist je dat koopl_______ een belangrijke functie hadden in de middeleeuwen

a)

UI

b)

EU

13.

vervoeg het werkwoord: ik (sluiten)

a)

sluit

b)

sluidt

c)

sluiten

14.

vervoeg het werkwoord: wij (kuisen)

a)

kuis

b)

kuist

c)

kuisen

15.

vervoeg het werkwoord: jij (scheuren)

a)

scheuren

b)

scheur

c)

scheurt

16.

Bij de opening van de winkel kreeg je als gadget een (a)  

17.

Op concerten houdt de jeugd van (a)   muziek.

18.

In die winkel is er een ruime keuze aan (a)  

19.

Spanje is een (a)   land.

20.

Wat zie je hier?

(a)  

21.

Wat zie je op deze afbeelding?

(a)  

22.

Wat zie je op deze afbeelding?

(a)  

23.

Wat zie je op deze afbeelding?

(a)  

24.

Wat zie je op deze afbeelding?

(a)  

25.

Wat past samen?

a)

meeuw

b)

sneeuw

c)

spreeuw

d)

schreeuw

26.

Vul in:

Gebruik (a)   schuurpapier voor dat raam.

27.

Vul in:

Een walvis heeft geen (a)   maar longen.

28.

Vul in:

Lama's verdedigen zich door naar hun vijand te (a)   .

29.

Vul in:

In de winter ligt er in Zwitserland veel (a)   .

30.

geef een synoniem:

vrouw van wie de man is gestorven

a)

weduwe

b)

weduwnaar

c)

eeuweling

31.

geef een synoniem:

zachte fijne stof

a)

ruw

b)

fluweel

c)

sluwe

32.

geef een synoniem:

1 januari

a)

eeuweling

b)

sneeuw

c)

nieuwjaar

33.

bouw een zin: (let op hoofdletters en leestekens)

nest - de - haar - spreeuw - op - zit - .

(a)  

34.

bouw een zin: (let op hoofdletters en leestekens)

over - de - water - meeuw - scheert - het -.

(a)  

35.

bouw een zin: (let op hoofdletters en leestekens)

op - dag - komt - de - nieuws - het - televisie - elke -.

(a)  

36.

Schrijf een zin met EEUW

4 lines
37.

Wat is dit?

(a)  

38.

Wat is dit?

(a)  

39.

wat zie je op de foto?

(a)  

40.

Wat zie je op de foto?

(a)