wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

8.1 Industriele revolutie

Total questions: 10

Worksheet time: 5mins

Name
Class
Date
1.

De industriele revolutie is een ingrijpende verandering in productiemethode door mechanisatie en schaalvergroting

a)

Juist

b)

Onjuist

2.

Wat zijn kenmerken van een industriele samenleving?

a)

De meerderheid van de bevolking woont in de stad.

b)

De bevolking vormt een standensamenleving met 3 standen.

c)

Kapitalisten vormen de hoogste klasse.

d)

De bevolking werkte in meerderheid in de diensten en industrie.

3.

Welke beroep(en) behoren niet tot de middenklasse.

a)

Leraren

b)

Arbeiders

c)

Artsen

d)

Winkeliers

e)

Ambtenaren

4.

In verschillende sectoren van de economie ging de stoommachine een belangrijke rol spelen.

a)

Eerst in de textielindustrie, vervolgens de mijnbouw en tenslotte de transportsector

b)

Eerst in de landbouw, vervolgens in de textielindustrie en tenslotte in de transportsector.

c)

Eerst in de transportsector, vervolgens de textielindustrie en tenslotte in de mijn bouw

d)

Eerst in de mijnbouw , vervolgens de textielindustrie en tenslotte in de transportsector

5.

Ook de Britse kolonie India speelde een belangrijke rol in het ontstaan van de industriele revolutie. Met welk product stonden zij aan de basis van deze revolutie?

(a)  

6.

Kijk naar de grafiek. Wat is het juiste antwoord?

a)

GB industrialiseerde daadwerkelijk tussen 1810 en 1820

b)

GB industrialiseerde daadwerkelijk tussen 1820 en 1830

c)

GB industrialiseerde daadwerkelijk tussen 1830 en 1840

d)

GB industrialiseerde daadwerkelijk na 1840

7.

Welke 2 landen namen in de tweede industriele revolutie de leidende rol over van Groot-Brittanie?

a)

Frankrijk

b)

Duitsland

c)

Rusland

d)

Verenigde Staten

8.

Welke producten vormden de basis van de tweede industriele revolutie?

a)

IJzer

b)

Plastic

c)

Staal

d)

Benzine

9.

Welke uitvinding uit de tweede industriele revolutie is hier afgebeeld?

a)

Gebruik van de stoommachine

b)

Gebruik van staal

c)

Gebruik van plastic

d)

Gebruik van elektriciteit

10.

Kijk naar de bijbehorende grafiek en vink de juiste antwoorden aan.

a)

Groot-Brittanie industrialiseerde als eerste.

b)

Nederland industrialiseerde relatief vroeg.

c)

Rusland industrialiseerde relatief laat.

d)

Belgie industrialiseerde relatief vroeg